
Als met glinsterende parelen bedekt
en aan iedere tak robijnen
schitterend in zilveren stralen
waar bladeren van goud
nog in kalende kruinen kwijnen
verbonden door tere zilverdraden
zacht wiegen in lauwe bries
Loop ik over goudgele loper
beschenen door lichtende ladders
over paden vol herinneringen
en mijmeringen van weleer
waar toekomst dikwijls verblindde.
