Welkom lente!!!!


Natuur vertelt dat de lente is begonnen
al geeft noch datum noch tempratuur het aan
toch heeft de lentefee al veel gewonnen
daar vandaag de eerste bloemen in bloei staan

niet zomaar een enkel miezerig stekkie
nee, een hele struik weelderig vol
midden in m’n tuin op z’n eigen plekkie
brengt mij het hoofd van vreugd op hol

trossen kleine gele en onooglijke bloempjes
overal op dorre hout, heus waar,
men noemt hem deftig ook wel Hamamelis
toch is ’t gewoon een schitterende Toverhazelaar.

Weerschijn


Eens wordt in het voorjaar
Alsof met bloemen wordt gestrooid
De velden weer vol kleuren
De wereld in feestkostuum getooid

In bomen klinken mooiste zangen
Er komt weer leven in het veld
Ieder mens is vol verlangen
Winterse dagen zijn weer geteld

De hemelkoepel straalt weer blauw
En je wordt warm vanbinnen
Toch verrek ik nog van de kou
Wat moet je zonder goede temperatuur beginnen?

Soms is het zomer


Soms lijkt het zomer
een wereld vol zonneschijn
met groene bladeren aan de bomen
en vogels zingend in de kruin
één bont kleurrijk geheel als in dromen

maar de natuur kent zijn eigen tijden
en laat zich niet dwingen door ons gevoel
waar ‘s zomers de vrucht nog rijpt
en bloem en blad om voorrang strijden

’t Nieuwe leven


Eindelijk is de lente aangebroken
eind aan kou en ellende gekomen
niemand meer in zijn kraag gedoken
zelfs vogels zingen weer in de bomen

bloemen gaan weer tuinen kleuren
voorzichtig komt een vlinder uit zijn cocon
de lucht vult zich met zoete geuren
en steeds vaker schijnt de zon

in weiden komt steeds meer leven
dieren komen uit de stal
’t jonge spul kan zich uitleven
‘k zie nu reeds de lammeren in tal.

Sneeuwwandeling


Genietend loop ik door ’t witte landschap
inhaleer heel diep de gezonde lucht
hoor in de stilte alleen gedempte voetstap
of ook het gesnater van een ganzenvlucht.

Door bomen en struiken scharrelen mezen
twee merels maken samen druk kabaal
terwijl ze ruziënd achter elkaar aan racen
alleen om een rotte appel uit de schaal.

Glimlachend loop ik door ’t witte veld
als de zon mij weer in alle schoonheid
over een verwarmende toekomst vertelt
en een wereld die zich in kleuren verblijd.

Hey, ’t is bijna mei


Zie in daglicht en bij zonneschijn
Niet het duister van de nacht mijn vrind
Wat is de zin van droefenis en pijn
Als men in zomer zoveel vreugde vindt

Hoor de klanken van de vogelzang
Die je elke dag vrolijk begroeten
Somberheid maakt je dag vaak zo lang
Zonder iemand in vreugd te begroeten

Daarom bezing de dag met vrolijk humeur
Geniet door met de vogels te zingen
Vul je longen met frisse lente geur
Rondom je zijn zoveel mooie dingen

Kom vriend, lach en wees vrolijk en blij
Het is voorjaar en over enige tijd mei.

Vertrouwen


Ver dwaalt het licht
door stille tijd
geen bries beroert de velden
de bomen doods en kaal
dromen van warmte en zon.

Stil loop ik over het lange pad
in diepe gedachten verzonken
alsof ik nieuwe wegen zoek
naar een leven nieuw belicht
voor een zekere toekomst.

Maar door de kale takken
zie ik weer in komend tijd
de wereld weelderige bloeien
en zonnestralen zie ik
weer tussen bladeren stoeien

Eerst lentetekenen


De nacht slaapt in
de dag rekt zich uit
het licht ontwaakt
en lacht ons vriendelijk toe.

Nog schuilt de zon
in haar wolkenbed
nevels langs de horizon
terwijl moeder aard
haar eerstelingen baart
in zachte kleur
over velden spreidt
knop uit blad ontsprongen
bij zacht geluid
van vibrerende tongen.

Pessimistisch


Waarom zo zwijgend en zo somber vriend
Waar is je opgetogen opgewekte aard
De wereld is niet dolgedraaid de zon is niet verdwenen
Na iedere nacht komt weer een dag
Er is nog nooit een dag geweest
Die niet door zon is beschenen

En elke dag hoor ik weer vogels zingen in de bomen
En aan de hemelkoepel kleurt weer blauw
Witte wolkjes die in blauwe weide vrolijke springen
Langzaam verdrijft voorjaar winterse kou
Kom, het hoofd weer opgeheven
Laat je verleiden tot vrolijke lach, geniet weer van de zon

Geduld, geduld…


Eens zullen bloemen bloeien
en bomen in blad weer staan
jonge dieren in ’t veld stoeien
wij samen de paden op gaan.

Dan zal ook de zon weer stralen
met golven warmte en licht
dan zal ik niet talmen of dralen
te schrijven een kleurrijk gedicht.

Over liefde, genot in de natuur
klanken van menig vogelkoor
de heldere lucht als azuur,
maar eerst moeten we de winter door.

Titanenstrijd


Langzaam trekken velden dicht
met nevellaken waar vanaf de kim
lage rode vuur zijn schijnsel licht
en golven rood als bloed
die onthullen dat strijd is gestreden
en helios zijn nederlaag geleden

nieuwe heerser met kleurrijke banier
schildert veld en bos in vele tinten
hervormt de wereld op zijn manier
en toont bomen naakt als de titanen
dromerig wachtend op ’t keren van de tijd
met bloedend kroost nog aan hun voeten.

Tussen koning winter en lente fee


Warme tranen spoelen witte kou
stromen langs glas en smelten
onrust van mijn hart uit sloten
kabbelen over stroeve wegen
schilderen velden in aquarel
scherpen randen van de beken.

Aarde neemt de tranen op
en zal weldra in pasteltinten
als dank voorjaar ontplooien
met strelende zonnestralen
kou uit plas en sloot ontdooien
leven weer in warmte vertalen.

Seizoenverwachting


Onzichtbaar waaide het aan in de wind
in kruinen van bomen golvend door riet
ver langs de horizon in het verschiet
in vroege ochtend met de westenwind

en ik voel het onstuitbaar verlangen
te gaan langs water door bossen en veld
waar reeds het eerste teken zich meld
komend seizoen in de lucht lijkt te hangen

helaas is de temperatuur nog te laag
trekken langs de hemelboog nog wolken
‘s morgens rijst vanaf de kim de zon traag

terwijl vogels verwachting niet vertolken
met een vrolijk opgewekt ochtendlied
ofschoon men aan bomen jonge scheuten ziet.