Clown


Hij dicht sonnetten bij het leven
en is een meester zo ieder zegt
in het sneren links en rechts te geven
en doet op verzoek ook niet slecht

geen ander kan hem met woorden evenaren
de waan verbergt hij achter rode neus
vindt dat hij kan kwetsen zonder bezwaren
geen enkel compliment meent hij serieus

maar stelt zich op als echte rechtse bal
zal ooit nog eens op verzoek zichzelf
tentoonstellen in lachwekkende niemendal

hij wordt gesteund door raad van elf
die hem waarschijnlijk ooit leidt tot zijn val
maar hoe het wendt of keert hij blijft de clown zelf.

Afkicken


Het is al lang geleden dat ik hem doofde
mijn verslaving en allerlaatste sigaret
het was een peuk die mij van lucht beroofde
heb daarom de asbak maar uit huis gezet.

Mijn vrouw is nu echt dol gelukkig en blij
de atmosfeer is in heel het huis opgeklaard
een ieder ademt nu opgelucht en vrij
en uiteindelijk is dat toch ook wat waard.

Toch mis ik zonder rookgerij mijn vertier
wat moet ik met mijn handen beginnen
er mee lopen wapperen geeft ook geen plezier
’t wroet mij toch allemaal nog wel vanbinnen.

Maar ’t gespaarde geld besteed ik nu als troost
in ‘t vullen van een sprankelend glas, PROOST!

Nadeel van voordeel


Al twintig pond, tien kilo afgevallen
hoe houdt een mens dat vele weken vol
je ingewanden brullen leeg en hol
haast zou de broek je van je gat afvallen.

Van extra kilo’s heb je enkel hinder
terwijl je vel op barsten komt te staan
kan je hart het allengs beslist niet aan
daarom eet ik nu maar een hapje minder.

Één nadeel kleeft er echter aan dit voordeel
je moet een garderobe aan gaan schaffen
want alles floddert, fladdert om je lijf.

Je koopt broeken overhemden, wel actueel,
vergeet vooral niet iets om in te maffen
want het kan koud zijn in een nachtverblijf.

Getijden

ASCII

Als regelmaat van golven over wijde zee
in eeuwig ritmisch deinen tot de horizon
een zonnig vriend’lijk beeld van rust en vree
een zeker weten dat zo de schepping begon

Een zachte bries als harpmuziek door bomen
een stille zang door ‘t golvend blonde korenveld
mijn geest wil van deze aardse vrede dromen
een wereld vrij van wreedheid en van geweld

Een wereld vol met vrienden en vertrouwen
waar liefde en geluk normaalste zaken zijn
een eeuwig ritmisch deinen om op te bouwen
als regelmaat van golven op zee groot of klein

Maar woest als de zee bij ontij en ruwe storm
verwoest men de aarde zonder waarde of norm.

Leeftijdsverschil


Wil schrijven over jaren uit jeugd herinnerd
tijden van lach en speelse onbezorgdheid
gehoorzaam niet zelden ook baldadigheid
beleefd, dikwijls niet door vrijheid gehinderd

nog verlegen tegenover ander geslacht
jezelf dan nog geen houding kunnen geven
maar nonchalant toch naar haar aandacht streven
met een kop als een biet als ze naar je lacht.

Niet jijzelf, nee de jaren worden ouder
heel langzaamaan wordt de jeugd verledentijd
en wordt het nijpend gevoel steeds vertrouwder

dat je vergeefs tegen vele kwalen strijdt.
Maar, mij krijgen ze er beslist niet onder
als ik honderd ben zegt elk; ’t Is een wonder.

Hey, ’t is bijna mei


Zie in daglicht en bij zonneschijn
Niet het duister van de nacht mijn vrind
Wat is de zin van droefenis en pijn
Als men in zomer zoveel vreugde vindt

Hoor de klanken van de vogelzang
Die je elke dag vrolijk begroeten
Somberheid maakt je dag vaak zo lang
Zonder iemand in vreugd te begroeten

Daarom bezing de dag met vrolijk humeur
Geniet door met de vogels te zingen
Vul je longen met frisse lente geur
Rondom je zijn zoveel mooie dingen

Kom vriend, lach en wees vrolijk en blij
Het is voorjaar en over enige tijd mei.

De aarde ontwaakt


De horizon licht, de dag is aangebroken
in kale bomen klinkt nu schuchter lied
en tere bloemen zijn uit d’ aard ontloken
een milde bries beweegt nu zacht het riet.

De kleur keert langzaam over grauwe velden
alsof het leven uit de dood herrijst
de tijd herleeft als toen woorden vertelden
dat d’ aarde leeft en zijn schepper weer prijst.

Dat doet ons weer de warme zomer wachten
en klinkt ’t nieuwe lied uitbundig, luid en klaar
dan lengen de dagen en korten de nachten
dan is in ’t nieuwe licht ’t leven niet meer zwaar.

de aarde houdt het leven niet meer gevangen
de bloemen bloeien, vogels zingen hun zangen.

Suite


Na zacht rumoerig wachten op eerste tonen
terwijl gespannen snaren worden aangezet
tot welluidendheid met fluit of klarinet
om Grieg’s suite met schoonheid te bekronen

klinken schuchter de eerste zachte akkoorden
van het schone “Opus 40, Aus Holbergs Zeit”
klanken vanuit de oudheid Muzen geweid
tonen van cello en fagot die we als fuga hoorden

gevolgd door Menuet, Gavotte en Bourree
elk afgewisseld door strofen preambule,
in ritme als aangegeven door golvende zee

ziet men danseressen waaierend in tule
waant men zich in woud tussen elf en fee
in de ban gehouden door trol en zwûle.

Seizoenverwachting


Onzichtbaar waaide het aan in de wind
in kruinen van bomen golvend door riet
ver langs de horizon in het verschiet
in vroege ochtend met de westenwind

en ik voel het onstuitbaar verlangen
te gaan langs water door bossen en veld
waar reeds het eerste teken zich meld
komend seizoen in de lucht lijkt te hangen

helaas is de temperatuur nog te laag
trekken langs de hemelboog nog wolken
‘s morgens rijst vanaf de kim de zon traag

terwijl vogels verwachting niet vertolken
met een vrolijk opgewekt ochtendlied
ofschoon men aan bomen jonge scheuten ziet.

Land van idealen


Waar is het land dat ik heb lief gehad
Het land vol warmte en zonneschijn
Waar alle mensen altijd welkom zijn
Niet door afgunst, haat of nijd beklad.

Ik herinner mij de stille vrede
In stad, ’t kleine dorp of gehucht
In groene weide onder blauwe lucht
En nevelig bos dat de kim bekleedde.

Waar is dat land waar elk welkom was
Met warme groet voor vriend of vreemdeling
Geen onderscheid tussen persoon of ras

Het land waar men ieder met respect ontving
Nog gaan mijn dromen naar dat vredig land
Waar alle mensen samen gaan, hand in hand.

“Eerlijke” beoordeling


Je moet toch wel van zeer goede huize komen
boven één ster te komen op gedichten.nl
en heel misschien lukt je dat dan soms ook wel
kun je aan zeven en een halve punt komen

maar dicht iemand je dan wel vier sterren toe
omdat hij vindt dat het toch wel iets heeft
en je daarom dan het cijfer negen geeft
vindt de ware dichter dit een zwaar taboe

razend snel honoreert hij met één ster het schrijven
zodat het gemiddelde cijfer danig daalt
tsja duidelijk verschil moet nu eenmaal blijven

zijn smaak die de werkelijke waarde bepaalt
dus oordeelt hij achter zijn bureau van ver
dat kan, uiteindelijk is hij de echte ster.

Zwijgende muze


Ach muze stop de tijd van eeuwig zwijgen
en geef mij ’t woord dat ik weer dichten mag
mijn woorden tot vers of zang zal rijgen
om droefheid om te buigen tot blijde lach.

Kom neem mij mee door dromen in de nacht
om saam te wachten op de schone ochtend
als zon en hoop voor ons weer stralend lacht
de horizon met rode gloed weer kleurend.

Ik wil genieten van de vogels in bomen
ik zie de paar’len over ‘t groene veld
genieten van wolken die van verre komen
maar waarom voelt mijn ziel zich zo gekweld.

Toch zal mijn muze spoedig wederkomen
geeft ’s daags de zon en ’s nachts de dromen.

De verschillen


Waar dagelijkse druk doet toenemen
een stroom van geluid en kakofonie
in drang, drift of sloven der economie
zal frustratie door stress ons claimen

geen schoonheid in poëzie verwoord
klinkt nu nog vanuit afgeladen zalen
zangen van Muzen in velerlei talen
worden op pleinen, straten niet gehoord

en ’s nachts als de geluiden verstommen
mogelijk de rust ook wederkeert
slechts hier en daar werktuigen grommen

schijnt men de weldaad van stilte verleerd
zoekt men razend vertier in auto of disco
geen verschil met de dag. Jammer, het zij zo!

Don Quichotte


Hij valt te paard met woedend strijdgekletter
open poorten binnen en de vijand aan
slaat zijn slag en ieder veegt hij van de baan
zijn trouwe knecht volgt met trompetter

ten aanval trekt hij moedig onverschrokken
geharnast en gezeten op zijn vurig ros
vijanden die niet vluchten zijn de klos
heeft geen tijd te eten of jagen achter rokken

de burger ziet hem naarstig komen
men heeft geen echte vrees voor hem
mensen kennen zijn verdwaasde dromen

zijn wapens zijn slechts houten speer en stem
geen standplaats is zijn huis hij kan slechts dolen
als oprecht dichter bevecht hij iedere molen.

Droomtuin


Mijn droom van luchten, bries van warme zomer
de witte wolken zwevend langs het blauw
vergeten, winter, hagel, sneeuw en kou
in mijmer over struik en bloem als dromer

en langs de oprit zie ik reeds de rozen
en lelie’s blanke kelken borders sieren
voor schoonste vormen heb ik steeds gekozen
ik zie de kleur’ge borders nu al tieren

helaas een harde domper zal mij wachten
als na de winter bloemen niet ontspruiten
geen tulp of rozen kunnen pijn verzachten

maar straks geen bloemen struik of boom hier buiten
en heel misschien is ’t niet zo ongewoon
gezien de flat waarin ik sinds kort woon.