Over duister pad naar het licht


Een donker pad waarover ik liep
oneffen en gevaarlijk was de bodem
langs een ravijn zo peilloos diep
in somber weer met regen en bliksem.

Schaduwen waren vol gevaren
geen lichtpunt dat een richting wees
of bracht mijn onrust tot bedaren
ik liep slechts verder in angst en vrees.

Plots een hand die mij leidde door ’t duister
een stem, die sprak mij vriendelijk aan,
“Houd Mij steeds vast en luister.
Dan zullen we samen verder gaan”.

Zo ben ik aan een open poort gekomen
waar stond, “Hier kun je vrijelijk binnengaan”.
en licht kwam mij in bundels tegen stromen
’t smalle pad werd plotseling een ruime baan.

Gebogen onder schulden


Gebogen onder schulden
ben ik een weg gegaan.
Droeg zorgen die vulden
dagen van mijn bestaan.

Ik ging die weg met klagen
en niemand hoorde mij.
Ook niemand wilde ik vragen
maak mij toch van lasten vrij.

Woorden van troost en erbarmen
die van liefde hebben gesproken,
genade, bevrijding in Vaders armen.

Ze hebben mijn droefheid gebroken.
Eeuwig ben ik nu van last bevrijd.
Die weg te gaan, kost nu geen strijd.

Lange reis


Een trein stond klaar op het perron
en ergens liepen rails tot de horizon
fluitsignaal weerklonk door het station
een sein dat hier een reis begon.

En langzaam rolde de machtige trein
richting het doel waar hij moest zijn
over rails aan de horizon zo klein
loeiend zijn toon in dof refrein.

Bestemming het einder van het zicht
waar aan de horizon in schemerlicht
vaag silhouet van een kruis is opgericht
teken van Hem die wonderen verricht.

Daar in de verte aan die verre horizon
de andere kant dan waar de reis begon
ver weg van dat veilig begin station
daar schijnt voor eeuwig Zijn liefdeszon.

Nee, jij bent niet weg


Nee, jij bent niet weg van deze aarde
ook al zien wij je hier nu niet meer
in onze gedachten blijft jouw waarde
we weten zeker, straks zien wij jou weer
als wij ons daar bij jou mogen voegen
zal onze vreugd zo overstelpend zijn
samen met de engelen die jou droegen
sámen feesten in het hemelse festijn.

Nooit zullen we dan meer droevig wezen
altijd met liefde en vreugde bij elkaar
geen verdriet of dood valt dan te vrezen
worden we behoed door onze Middelaar
jij waar wij van moesten scheiden
zien wij dan terug daar bij de glazen zee
vriend en vijand zullen nooit meer lijden
daar heerst enkel blijdschap, enkel vree.

Sombere mist


De wereld is besloten
in kleine eigen kring
gevangen in melkwitte muren
verbergt het vele sterven
en grauwheid van de dood

voortgaand lost geen problemen
bekrompen zichtbaarheid op
warmte en kleuren verdwenen
in beperking van ruimte
en beslotenheid van geest

ontsluit door zicht de wereld
breek door witte muren heen
dat ruimte weer te zien is
wijkende grauwheid van de dood
en levenszon kan schijnen.

Dannte, inferno en bevrijding


Gloeiende kolen branden door mijn leden
mijn gedachten worden met vuur geblust
mijn lichaam weert elke druppel water
handen tasten gloeiend ijzer
ogen kijken in verblindend licht
en voeten dansen op rode platen
van sulfer en vloeibaar glas.

Deuren openen naar witte nevel
omgeven door helder blauw
zachte tinten pastel onder verkwikkend groen
en dauw doordrenkte grassen
weldadig masserend verschroeide huid
terwijl ogen voeden aan zacht omfloerst licht
armen strekken in zachte koele bries.

Troostrijk weerzien

Landscape of La Maddalena archipelago, Sardinia, Italy.

Laat mij Heer ’t verdriet niet proeven
van het sterven die mij lief zijn
ook al weet ik dat zij zullen toeven
in Uw hemels feestfestijn

geef mij, als dit mag gebeuren
troost om steeds weer door te gaan
wil mij dan elke keer opbeuren
door Uw woord dat ik blijf staan

U zult immers alle leed verzachten
van Uw kinderen die vragen
en het heil van U verwachten
wilt U alle pijnen dragen

Uw woord hebt U ons geven
dat wij hen weer zullen ontmoeten
die wij verliezen in dit leven
in Uw hemel weer mogen begroeten.

Als je niet verder kunt


Het is de eigen weg die je steeds mag gaan
niemand zal om de redenen vragen
als je alleen eigen zorg wil dragen
maar kom niet met verwijten bij Mij aan

er zijn zoveel zaken die je leven belagen
waarvoor niemand ooit garant zal staan
dat je ze niet zult kruisen in je levensbaan
die mogelijkheid ligt niet in Mijn behagen

kom draai je om, rijk Mij je handen aan
een pad zonder Mij is niet te dragen
als Ik je leid zal het lopen beter gaan

dan kun je vorderen zonder te klagen
en hoef je niet steeds doelloos stil te staan
als je niet verder kunt zal Ik je dragen.

Alleen vooruitzcht geeft hoop


Hoe troosteloos kan de aarde lijken
in het late gure herfstweer
als de bloemen onder kou bezwijken
en de zon schijnt bijna niet meer.

Hoe droevig zijn dan de mensen
die niet vertrouwen op betere tijd
en klagelijk zijn hun wensen
met Uw bedoelingen zeer in strijd.

Hoe schoon is het vooruitzicht
dat ieder jaar ons weer toont
gewezen vanuit Uw schone licht
dat eens ons geduld wordt beloond.

Zoals ook na ’s werelds donkere dagen
door kou en leed, weer zon zal schijnen
zal na een moedig lasten dragen
alle pijn en angst weer verdwijnen.

Zullen ook na onze aardse onlusten
onze lichamen te ruste eens gaan
bij U in hemelsparadijs onze zielen rusten
en daar in Uw hemelse tuinen staan.

Stille troost


Het was zo’n groot verdriet
toen ik jou los moest laten
alles viel voor mij in ‘t niet
niemand waar ik mee kon praten.

Met jou verloor ik hier een ziel
een mens, vriend voor het leven,
maar hoe kwetsbaar, hoe fragiel,
het zijn hier is slechts even.

Een ziel hier weggenomen
wat bleef was verdriet en pijn
toch is een Geest teruggekomen
die steeds onze Trooster wil zijn.

Eeuwige verlossing


O God, U bent toch zo almachtig
U heerst toch over leven en dood
Of is toch Uw daad niet zo krachtig
En wint van U de angst en nood
Vergeet U liever al ons lijden
Laat ons in alle ellende staan
In plaats dat U voor ons wilt strijden
En wendt Uw gunst bij ons vandaan

O Heer, hoor toch onze klachten
Enkel geuit vanuit ons verdriet
Steun ons, ons ontbreken de krachten
En U bent de enige die dat ziet
Eens ging ook U voor óns door ’t lijden
Ging U tot in de diepste dood
Om in de hel tegen het kwaad te strijden
En verloste ons van eeuwige pijn en nood.

Ik treurde om het leed


Ik treurde om het leed.
Ik treurde om de pijn.
Ik treurde om de mensen,
die God afvallig zijn.

Ik treurde om de wereld,
waar zoveel kwaad geschied,
dat wij elkander haten.
Begrijpen kan ik niet.

Ik zag de waanzin, de oorlog.
Droefheid, in menselijk bestaan.
Onbegrip en leegte.
Hoe kan een mens dit aan ?

Ik treurde om de mooie aarde,
die God geschapen heeft.
Waar Hij iedere dag Zijn genade,
nog aan Zijn schepping geeft.

Zo bleef ik droevig peinzen,
over ‘s mensen droevig lot.
Er moest toch toekomst wezen,
en ik wende mij niet tot God.

Ik zag ‘t niet meer zitten,
het werd mij allemaal teveel.
Ik wilde alles redden,
maar de angst bekroop mijn keel.

Toen, hoorde ik een kinderstem,
het zong een vrolijk lied.
Over Hem, die stierf om ons te redden.
Toen,begreep ik mijn droefheid niet.

Geen tijd staat stil


Soms is het of de tijd even stil gaat staan
of er geen toekomst in het verschiet meer is
gevangen door zwaar verdriet of een gemis
en kun je alleen bijna niet verder gaan.

Zwaar en vermoeiend zijn dan de dagen
eenzaam en donker zijn dan de nachten
worden gestuurd door duistere krachten
wij worden belaagd door angstige vragen.

Wat helpt het stil te staan bij al die zorgen
te blijven hangen in ellende en verdriet
terwijl Hij ons in Zijn liefde heeft geborgen

met eeuwige toekomst nog in het verschiet
van wieg tot graf wil Hij ons altijd verzorgen
voert aan Zijn hand ons in de nieuwe morgen.

Eenzaamheid tussen velen


Fluisterde dat ik spijt had
maar wist niets te zeggen
heb U lief maar geen woorden
die afstand kunnen overbruggen
geen zicht dat ik U ogen zie.

Neem alleen mijn hand
en glimlach zwijgzaam
leg U wang tegen die van mij
kom naar mij toe en kijk in
mijn ogen met Uw rustige blik.

Verzeker mij vrede en geluk
geef mij gevoel van liefde
wees zekerheid die mij leidt
als ik in eenzame wegen ga
tussen vele mensen.