
Langzaam sluit de dag z’n ogen
bij ontwaken van de nacht
verstommen stil geluiden
schaduwen schuiven langs muren
in schaars licht van lantarens
of over tegels van trottoirs
nu ontwaakt de nacht in stilte
langzaam trekt zij een gordijn
blind gaat zij haar eigen wegen
bijgelicht door schijnsel der maan
tasten schuifelend enkele voeten
op een hoek blijf ik even staan.
