
Wat is het vreemd,
dat we te wantrouwend zijn
om al onze ellende
– die Hij allang van ons kent –
bij Hem in te ruilen
tegen Zijn goedheid.
Dag: 10 juli 2016
Onsterfelijkheid

Als onze woorden niet meer leesbaar zijn
zal ook ons beeld zijn verdwenen
want in zichtbaarheid ligt dikwijls de schijn
waar wij menen roem aan te ontlenen
en woorden die vervliegen in de wind
ook al zijn ze zwart op wit geschreven
doch die men op geen papier meer vindt
blijken ook in klank niet zijn gebleven
wat is aards zoeken naar onsterfelijkheid
dan tekenen op slechts een wit vel papier
dat scheurt en rot door vergankelijkheid
geschreven op een rol toiletpapier.
Onmacht
Ieder dag kom ik weer vragen,
naar Uw hulp en sterkte Heer,
naar zegen in Uw welbehagen,
naar wijsheid door Uw leer.
Elke dag bid ik om gezondheid,
voor mezelf en voor mijn vrinden,
ik vraag naar Uw aanwezigheid,
ik vraag de weg naar U te vinden.
In stilte vouw ik mijn handen,
zelden vind ik het juiste woord,
alsof mijn tong beklemd door banden,
niet vindt wat tot mijn ziel behoord.
Bidden zegt men; geeft je kracht
en dat is ook zeker waar,
toch Heer, is mijn bidden onmacht,
zonder, krijg ik geen dag voor elkaar.
Ongeloof

Hoe kun je ongelovig zijn
als je de zon, de maan, de sterren,
planeten, dieren en planten ziet ?
Is er ook maar iets van dit alles
wat uit het niets tot stand is gekomen
of door de mens geschapen kan zijn ?
Ongeloof is als een overnachting
in een leegstaand pand.
De bescherming rondom
is zo koud, zo zwijgzaam,
ja ….zo bedreigend vaak
Nieuwjaarshoop

Die kleine hoop, altijd in mijn hart
ook in stille duisternis
waar ik de warmte van vrienden mis
moeite en pijn een mens zo benard
leeft op als vlammend vuur
waar in aanvang van nieuwe tijden
alle goed gemeende wensen zo verblijden
en hoop geven op lange duur.
Mogen wij de tijd beleven
waar iedereen wil streven naar ’t licht
in begrip en liefde zich tot elk ander richt
niets dan goeds en écht geluk wil geven.
Dat we niet terug vallen in ons oud patroon
maar vinden vrede en vriendschap heel gewoon.
Mooie woorden

Heel veel woorden passeerden reeds de revue
alle mooie woorden die je maar kunt bedenken
over welvaart en armoe van toen en nu
de arme wereld die we zullen gedenken.
Wat zijn die volkeren ellendig en arm
hun samenleving door dictators onderdrukt
klimaat is door vervuiling te droog en warm
economie door uitbuiting steeds mislukt.
Wij confereren over hun toekomst en lot
de mogelijkheden die wij nemen zouden
als wij daartoe de gaven kregen van God.
Woorden zeggen dat we van mensen houden
hoe goed en bezorgd we wel zijn voor elkaar.
Eerst wijzelf, die ander is onze naaste maar.
Mijn steen
Je was verkeerd bezig
en je wist zelf ook
dat je anderen krenkte
waarom luisterde je dan niet
ik heb je toch gewaarschuwd
maar het verwijt
dat ik als steen
naar je hoofd wilde gooien
was voor mij te zwaar
omdat ze was gebonden
aan mijn eigen zonden.
Mijn naam
Ik heb een naam gekregen
waarbij ik geroepen ben
door Hem die ik van jongs af ken
en heb mijn oor daarnaar genegen.
Hij roept mij steeds zo liefdevol
zoals alleen een vader doet
met woorden vriendelijk en goed
over de toekomst zo waardevol.
Mijn naam is wijd en zijd bekend
en geeft mij echt wel druk
naast zekerheid en geluk
hij is op Christus’ naam geënt.
Menselijk ego
Een mens zo sterk
in bereiken van zijn doel
door eigen ego eigen werk
roem geeft goed gevoel.
Hij gaat door tot hij bereikt
top van kunnen of macht
en door uitputting bezwijkt
gevallen door eigen kracht.
Dan klaagt zijn ego hem aan
toont kwetsbaarheid door alles heen
dat hem was ontgaan
dat hij leeft uit gena alleen.
De goedheid die hij ontving
uit genade van de Heer
maar wat hem ontging
door eigen dunk, keer op keer.
Liefhebben

Spelend, vrij en geborgen,
zonder dat ik ‘t besef nog had,
van heden, vandaag of morgen,
reeds toen hebt Gij mij lief gehad.
In een jeugd, zorgeloos en vrij,
spelend op ‘t land, of in ‘t nat,
met mijn vrienden, vrij en blij,
ook toen hebt Gij mij lief gehad.
Ik groeide op, weerbarstig, broos,
Zocht steeds weer mijn eigen pad,
zonder dat ik wist of ik U verkoos,
en toch…, hebt Gij mij lief gehad.
Mijn werk ging voor, wat er ook was,
ik tierde zelfs, vloekte, of ik bad,
totdat ik van ziekte niet genas,
en steeds, hebt Gij mij lief gehad.
O Heer, altijd bleef Gij aan mijn zij,
in blijdschap, als ik in nood eens zat,
altijd was Uw grote liefde mij nabij,
Heer, zo lief hebt Gij mij steeds gehad.
Heer, als ik aan het einde van mijn dagen,
eens tot U zal naderen door het graf,
zal ik steeds antwoorden op Uw vragen:
“Heer, vergeef mij, in de liefde die U gaf.”
Lied
Ik hoor je,
in ritme van de wind.
Ik hoor je,
in de lach van een kind.
Ik hoor je,
als ik in mijzelf ben.
Ik hoor je,
als ik een vriend herken.
Ik hoor je,
in de klank van muziek.
Ik hoor je,
in tonen als ritmiek.
Ik hoor je,
in de slag van het uur.
Ik hoor je,
in de warmte van vuur.
Ik hoor je,
als ik gelukkig ben.
Ik hoor je,
als ik verdrietig ben.
Maar het allermooiste,
hoor ik je
in serene stilte,
van een intens gebed.
Levensakkers

Diep snijden ploegscharen van tijd
in akkers van het leven
ploegen donkere voren
door onontgonnen grond
rijten diepe pijnlijke wonden
breken dikwijls elk besef
voor het doel van groeizaamheid
vanuit een onbegrepen ervaren.
Langzaam herstelt aarde wonden
van pijnlijk tijdsverslag
jaren aanvaarding onomwonden
die oogst zullen doen rijpen
leven in vermenigvuldiging
op bloeiende levensakkers
die door ploegscharen
zijn voor bereid.
Leiding
Waarom? Is onze vraag
en is dat dan zo vreemd?
Wie begrijpt er nu o God
dat U niet ingrijpt in ons leed?
U laat de oorlog woeden
vernietigt de natuur.
De wereld gaat
ten onder aan haat
en van Uw liefde
blijven wij verstoken.
Hebt u de band met ons
voor eeuwig verbroken?
Waarom? Luid steeds onze vraag
en geen antwoord
dat wij ontvangen
alsof U onze klacht niet hoort.
Waarom vragen wij waarom,
is onze vraag misschien dom?
Nee wij mogen vragen
wie weet zien wij de rede dan
als wij onze ogen openen
en begrijpen Gods plan.
Zouden wij dan onze
eigen verantwoording zien?
Niet God, maar wij
hebben verkeerd gehandeld.
Keuze
Arm mens, waarvoor ben je geboren,
waarvoor ben je op deze aard?
Tot welke rang wil je behoren?
Wat is je medemens je waard?
Arm mens, ben je soms beter,
dan een ander, dat je boven hem staat?
Zodat je die ander voor geen meter,
in zijn eigenwaarde laat?
Arm mens, wat is je streven,
het doel van jouw bestaan?
Kun je niet in vrede leven,
moet jouw wil voor ieders wensen gaan?
Arm mens, ben jij een der sterken,
zwelgend, in bezit en macht?
Slechts voor eigen aanzien werken,
met een geweten als de nacht?
Arm mens, is er niemand boven jou,
die geluk en rust verdient.
Die kan rekenen op je trouw,
heb je geen kennis of vriend?
Arm mens, heeft niemand recht
op eigen overtuiging of geloof ?
Is alles op de wereld dom of slecht,
en ben je voor ander’s noden doof?
Gelukkig mens, jij mag een ander wijzen,
op recht, en op het goede pad.
Jij wilt je God nog danken, prijzen,
omdat Hij ook jou heeft liefgehad.
Gelukkig mens, jij blijft nog hopen.
Jij wilt nog kiezen, hoe je gaat.
Je mag een kind nog laten dopen,
en kiezen voor vrede, in plaats van haat.
Innerlijk

Noch de uren of de seconden
noch de lichtstraal van de dageraad
noch het woord dat onomwonden
zich op enkel vrede verlaat.
Niets is wat wij uit onszelf vonden
zonder richting of toeverlaat
slechts enkel vinden wij geschonden
resultaat van onze levensdaad.
Niet uit onszelf met kracht verbonden,
slechts strevend naar macht en overdaad,
hebben wij de vrede ontbonden
door liefdeloosheid en door haat.
