
Als zachte bries door kruinen der bomen
En warme tongen van onblusbaar vuur
Bent U tot de mens op aarde gekomen
Geleidt hem van geboorte tot stervensuur.
U geeft hem de gave van ’t zien en horen
De blijdschap en daag’lijkse verwondering
Van bloemenpracht tot zang der vogelkoren
Zo U ooit schiep zonder uitzondering.
O Heilig vuur doe onze harten kloppen
Gedreven door Hem die U gezonden heeft
Dat wij niet onze oren toe zullen stoppen
Maar erkennen dat Hij is opgestaan en leeft.
Laat ons dan telkens weer om vrede bidden
Om die reden kwam U toch in ons midden.
