Het mysterie

ruwe branding
Drijvend op de golven
die branding vormen
teisteren strand en duin
schelpen werpen op zand
spoelend vanaf verre kim
ritme door wind geblazen
dragend levensschepen

zoekend naar oorsprong
tussen hemel en aarde
scheiding van land en zee
onzichtbaar, voelbaar,
onwetend van de bron
op bergen of op heuvels
waar het ooit eens begon.

Het eens nu


Verdwaald in mist van woorden
in windstilte van gesprek
verblind door lettergrepen
zinnen zacht gefluisterd
als regels in wit van tekst

verstomd door lege ruimte
verbijsterd door onbegrip
stil in denkend onvermogen
mijmerend over wat eens was
het heden slechts aanvaardend.

Groei van zaad en woorden

In ruwe zwarte aarde vallen
de kleine korrels zaad
die opkomen als tere scheuten.

Letters die in mijn brein
ontkiemen als teer gewas
woorden die regels vormen.

Eens groeien uit die tere scheuten
aren van overvloedig graan
die borg staan voor een voortbestaan.

Hoop dat ook die kleine letters
als die scheuten groeien gaan
samen zware aren zullen vormen.

Gewoon dagelijks

bladmuziek

Met fantasie en woorden
tracht ik de lijnen te trekken
die een beeld vormen
van schoonheid dat ik begeer

misschien eenzame akkoorden
uit muzikale gedachten
die compositie verbinden
en zorgen verzachten
de juiste kleuren vinden

in eenvoud zoeken naar ideaal
van alledaagse dingen
en in het leven staan.

Gelaten

homless-portretten_19-111422

Na dagen door zonlicht beschenen
straten in zee van neonlicht gehuld
uit etalages schreeuwen reclames
en kassa’s worden rinkelend gevuld.

Dan loop ik later door duistere wereld
als ook het neonlicht is gedoofd,
verdoofd, versuft, doelloos dolend
door eenzame straat van geluiden beroofd.

De nacht blijft wachten op nieuwe morgen
en vraagt om rijzen van de zon
ik strompel voort in vale schijn der maan
tot nieuw licht gloort aan de horizon.

Geheid en naïf


Achter zweem van onhelderheid
in ruimte van onvolprezenheid
zoek ik in mijn onwetendheid
de volmaaktheid van objectief.

Lopend het pad van eenzaamheid
vind ik in mijn onbedachtzaamheid
het volmaakte van onvolmaaktheid
in een naaktheid als perspectief.

Fysieke zoektocht


In gedachteloos zwerven
door licht van zon en maan
zoek ik voorzichtig
hoe ver ik blindelings kan gaan
tracht steeds verband te vinden
in verlangen of noodzaak

vraag mij af of door ’t licht
mijn zoeken niet vergeefs zal zijn
en ik verblind geen doel bereik
waaraan verlangen noch noodzaak
mijn fysiek wezen beantwoord
maar tot schaduw zal verdampen.

Filesofische toekomstvraag

De stof van het woord
is weefsel van gedachte
gesponnen in verleden
richtend op morgen
behouden door vandaag

verpakt in literaire klanken
verbonden aan romantiek
hoog verwachtend
standaard van illusie
of dat lukt is de vraag.