
Zacht mijmer ik zelf voor mij heen
zekerheid dat ik niet word gehoord
in wereld die geen aandacht vraagt
niet zoekt naar taal noch woord
‘k zou schrikken als ik antwoord kreeg
stel dat iemand zich aan mij stoort
laat mijn gedacht vliegen in de wind
stromen met een rivier naar zee
mijn woorden stijgen op thermiek
naar waar niemand hen meer vind
ik loop mijn passen af te meten
tot weer een nieuw leven begint.
