Vrolijke wind


De wind fluistert mij vanmorgen toe
kom buiten zie hoe ik met bladeren speel
laat draaien en wenden om hun stelen
afruk en in sierlijk dwarrelen
in spiraal door het luchtruim slinger.

De wind roept, kom er toch bij
dat ik door je haren kan strelen
ik blaas je hoofd van zorgen vrij
en ontstop je dichte longen
laat bladeren om je hoofd cirkelen.

De wind loeit, ik blaas blad van bomen
en laat ze dwarrelen over straten
takken blijven ontbladerd achter
als ik zo de herfst heb gezien
ga ik weer vrolijk fluitend verder.

Wie brengt ons weer het paradijs


Waar tuinen vol met bloemen staan
en bomen met de schoonste vruchten
bijen van bloesem tot bloesem gaan
geen wezen een vijand zal duchten
daar moet de eeuwige vrede zijn
die slechts in het paradijs is te vinden
waar alles baadt in zonneschijn
en liefde, zonde zal ontbinden.

Daar dansen wij met hemelschaar
en gaan in bloemslingers gehuld
zijn dan elkander steeds dienstbaar
dienen ieder met eindeloos geduld
en iedereen is daar een winnaar
die overwon de aardse macht
bevestigd door het werk der middellaar
Die heeft ons door Zijn sterven thuisgebracht.