Donderslag bij heldere hemel


Op mooie warme dagen
Als je denkt dat de zon
Zal blijven schijnen
Geen wolk de hemel bedekt
Je vol hoop de wereld in trekt
Kan met één klap
De zon verdwijnen
En komt donder bij helder hemel

Door schrik verblind
Genageld aan de grond
Zoek je waar je heil in vindt
Toch schijnt nog steeds de zon
En richt je je nog op de horizont.

Ik treurde om het leed


Ik treurde om het leed.
Ik treurde om de pijn.
Ik treurde om de mensen,
die God afvallig zijn.

Ik treurde om de wereld,
waar zoveel kwaad geschied,
dat wij elkander haten.
Begrijpen kan ik niet.

Ik zag de waanzin, de oorlog.
Droefheid, in menselijk bestaan.
Onbegrip en leegte.
Hoe kan een mens dit aan ?

Ik treurde om de mooie aarde,
die God geschapen heeft.
Waar Hij iedere dag Zijn genade,
nog aan Zijn schepping geeft.

Zo bleef ik droevig peinzen,
over ‘s mensen droevig lot.
Er moest toch toekomst wezen,
en ik wende mij niet tot God.

Ik zag ‘t niet meer zitten,
het werd mij allemaal teveel.
Ik wilde alles redden,
maar de angst bekroop mijn keel.

Toen, hoorde ik een kinderstem,
het zong een vrolijk lied.
Over Hem, die stierf om ons te redden.
Toen,begreep ik mijn droefheid niet.