Aan de voet van het kruis

In dank te staan waar ’t kruishout stond
Gedenkend Hem die voor ons stierf
Op Gods vervloekte aard en grond
Die hier een plek voor ons verwierf.

Vervloekt, het kruis door U gedragen,
De geest die om uw lijden lacht,
De mens die Uw gena niet vragen,
Of Uw liefde schroom’lijk veracht.

Ik hoor nog de woorden die U sprak
Hoe U de beulen hebt vergeven
Nog voor Uw oog aan ’t kruis brak
Uw sterven gaf ons ‘t eeuwig leven.

Nu vloeit niet meer ’t onschuldig bloed
U hebt voor ons schuld en zonde geboet.

Gewoon van natuur genieten

In ’t vroege heldere ochtendlicht
dat weer de nieuw dag begroet
over een zilver bedauwd veld
en nevelsluiers door zonlicht beschenen.

Zie ik wijds gezicht met kruinen van de bomen
en daarboven vogels die af-en-aan vliegen
en in de verte boerderijen
stil sta ik bij dit alles te dromen.

Stil genieten van al die schoonheid
en bewonderend de natuur
wensend dat het nooit zover zal komen
dat dit alles verdwijnt op de duur.

Dan dringt het besef door hoe kwetsbaar dit is
hoe snel schoonheid kan verdwijnen.

Een beetje antiek

Weet je, ik vond in een oude lade
nog van die grote langspeelplaten
muziek waar we vroeger uren
naar te luisteren zaten, ademloos.

Mijn smaak was niet direct pop
of rock van dat genre, ik luisterde
klassiek of jazz, tonen van Vivaldi,
Beethoven of Brahms, eindeloos.

Maar ook cornet en stem van Satch
drum van Art Blakey, Billy Cobham,
B.B.King of the bleus, weergaloos.

Zo haal ik door mijn langspeelplaten
weer herinneringen uit die oude tijd
van die vroegere artiesten, virtuoos!

Geen bewijs

Wie zegt mij waar het eerste leven begon
en hoe ontwikkeling zich ontplooit

waarom verbrand niet alles door straling van de zon
is de aard nog steeds niet van schoon berooid

wie weet hoe uit levenloze chemie
een eerste cel tot leven komen kan

koud materiaal zich vormt tot emotie
zonder voorop gesteld levensplan

tot waar zal leven zich keren
als de eindgrens is bereikt

wie kan met zekerheid beweren
dat niet de geest zich van het lichaam scheidt.

Twee oppermachten

Wat is een God, Zijn naam betekend liefde,
De schepper van al wat is en leeft
Die met Zijn geest het hemelruim doorkliefde
Aan ieder schepsel Zijn genade geeft

Hoe zou die God, die liefde is
Van Zijn schepselen dood kunnen vragen
Of vervloeken met hel en verdoemenis
En niet Zijn Eigen kinderen verdragen

Maar hier op aarde heerst Zijn antagonist
In vele vormen als dodelijk rivaal
Hij is de nietsontziende antichrist
Voor heel de schepping is hij fataal.

Bevestiging boven twijfel

Was Hij een mens?
Hij leek geen God.
Was Hij een God?
Hij was zo gewoon.

Hij was gelijk aan mensen
maar straalde vrede uit
goddelijk waren Zijn daden
Zijn woorden enkel liefde.

Was Hij een God?
Zijn gestalte was mens.
Was Hij een mens?
Hij was Gods Zoon.