De oude kastanje


Hij stond voor ’t kamerraam
die oude mooie kastanjeboom
en benam de hele zomer zon.

We genoten buiten van hem saam
in die schaduw als ’t even kon.

Ach hij had ook nadelen beslist
hij trok wel veel ongedierte aan
maar toch lieten wij hem staan.

Helaas heeft hij z’n taak voltooid
de nieuwe bewoners
hebben hem gerooid.

Innerlijk


Ach was ik werkelijk zo ik lijk
Een man van plezier en jolijt
Voelde ik mij zo vrolijk en zo rijk
Niet gebonden aan plaats of tijd

Ik lach, zing en dans
Mijn humeur steeds in balans

Maar ik ben niet macho zo ’t lijkt
Want achter de coulissen
Ben ook ik een mens, zo blijkt.