
Kleumerig zit een duif
voor het raam op een tak
tussen druipende kruinen
en dreinende oostenwind
druk scharrelt een roodborst
door kale struiken
op zoek naar kruimels
en korstjes brood
in de vijver zitten eenden
hun kop in de veren
al zwemmend
houden ze een open wak.
En ik zit achter de ruiten
warm bij de brandende haard
denk, Ach die arme vogels
maar laat ze mooi niet binnen.
