Spel van regen en zon


Uit grauwe wolken valt de regen
doorweekt het dode veld
meedogenloos geselt het de ruiten
waarachter ik troosteloos schuil
en somber naar die regen staar.

Alsof kou door ramen binnen dringt
ik hier de wind hoor huilen
en zwaarmoedig kijk ik naar de lucht
naar dat dikke pak met wolken
waaruit vele tranen parelen over het glas.

Tot het wolkendek gaat scheuren
en zonnestralen schijnen als diamanten
de velden bekleden met edelsteen
aan elk twijgje robijnen hangen
onder kleurrijke hemelboog gevangen.

Mijn bos


Verlaten liggen je paden tussen bomen
die doods treuren om hun verloren blad
door het aureool van winterlicht omvat
schijnbaar niet meer tot leven zullen komen

hoorbaar beroerd een schrale wind de takken
als een zachte melodie van klagelijke muziek
brengt ondanks kou toch winterromantiek
terwijl jonge spruiten naar voorjaar snakken

aan het eind van het pad zie ik het edelhert
reeds heeft het zijn machtig gewei verloren
afgelopen herfst liet hij zijn roep hier horen
gaven vele vogels nog een fluitconcert

nu is elk geluid verstomd, ziet men geen leven
hoort men geen vogel meer in het dorre hout
denk ik, ja mijn bos en ik worden samen oud
maar toch zal hij mij wel dik overleven.

Avondlichten


Als de dag overgaat in schemer,
begin van nachtelijke rust
sterren zich verspreiden langs de hemel
avondrood de kim weer kust
dan verzink ik stil in gedachten
met tevreden en voldaan gevoel
moe van zwoegen en jachten
op mijn terras in gemakkelijke stoel

in de verte versterven laatste geluiden
ergens hoor ik wandelaars
en een verre torenklok luiden
het licht verzwakt als dovende kaars
helderder fonkelen nu sterren
en flauwtjes schijnt de maan
en ik geniet hier van verre
hoe alle tekenen aan de hemel staan.

Ochtendvreugde

depositphotos_67532073-horse-silhuette-in-sunrise-fog
Waar vindt men schoner glans
dan op bedauwde weiden
waar zich als parelenkrans
de vroege nevels vleiden
beschenen door eerste zonnestralen
fonkelend als schitterend zirkoon
ons iedere morgen weer onthalen
dagen huldigend met een kroon

geweven tussen pluimend riet
in lange rijen als diamant
tere snoeren die men nauwelijks ziet
kunstig fijn en briljant
aan alle twijgen schitteren robijnen
tussen glanzend zilver en smaragd
geen kunstenaar die dit kan verfijnen
zo’n zonsopkomst na donkere nacht.

Hendrik Marsman

schapen overal
Als nieuw geboren leven in het ochtendlicht
Begint met stralend glanzen aan d’ horizon
Terwijl in bomen vogelzang gedempt begon
Ontwaakt in mij een ware drang tot nieuw gedicht

De wereld opent traag de ogen na de nacht
En kleed in vele kleuren bloemen, bos en veld
Verblind door schoonheid staat ieder mens versteld
Bewondert heel de aarde om haar scheppingspracht.

Waar wolken zweven over verre polderland
in alle rust het vee daar graast in vette weiden
Het riet in golven wiegend langs de waterkant

Daar zie ik bootjes zachtjes over water glijden.
Dan denk ik Hendrik Marsman had echt groot gelijk
Als ik zo rondom naar het kleine Holland kijk

Een zilveren lint

45452597-landelijk-streams
Als zilveren lint tussen bomen,
ruisend, als zingt het een lied.
Door dalen tussen heuvels stromen,
waar menig dier van zijn frisheid geniet.

Stromend langs eeuwen oude bomen.
Een waar festijn voor ’t oog,
waar hij klaterend komt vallen,
vormt in het zonlicht een regenboog

Tussen ’t groen stroomt hij weer verder,
een verkwikking voor hert en ree.
Op de hei een rustplek voor de herder
en zijn schapen genieten mee.

Stromend, ook door vlakke landen,
rustig kabbelend daar voort,
tot hij aan de blanke stranden’
bij het bruisend zeewater hoort.

Hemelse partituur

Zwanen in de wetering bij De Stege
Struiken staan gewoon mooi te zijn
op de kanaaldijk en langs de Grift
helder water spiegelt in zonneschijn
het wilgenroosje als natuurlijke gift.

Op de brug sta ik wat te dromen
zie onder mij enkele vissen gaan
eenden grondelen onder bomen
op de oever een paartje zwanen staan.

Dan voel ik mij hier zo rijk bevoorrecht
in een natuur zo eindeloos en puur
vouw mijn handen en dank oprecht
de schepper voor hemelse partituur.

Vakantie in eigen regio

16-knotwilgenbijdedijk, Hans Versfelt - kopie
Schilderij van Hans Versfelt

Versmolten in het landschap als stil leven
een karrenspoor, meer is het niet
geen beeld kan bijna zoveel rust weergeven
koeien, en wilgen ergens tussen riet

een Hollands geheel in verf gevat
het groene gras, de wolkenlucht,
als “Eyecatcher” dat zanderig pad
een geheel waarvoor men de stad ontvlucht

En in de verte ’t bos nog in nevel gehuld
klinkt in het riet de zang van de karkiet
de koeien liggen herkauwend vol geduld
menselijke emotie beroert hen niet.

Wat is dan het paradijs dichtbij
en voelt men zich ook in eigen land zo vrij.