
Fluitend loop ik door de lanen
uit volle borst zingend over straat
dansend langs beuken en plantanen
weet met m’n vrijheid bijna geen raad.
Vrolijk groetend alle mensen
alle meisjes spreek ik aan
wat zou ik mij een beter leven wensen
dan dit vrolijk vrijbuiterbestaan.
Nog steeds lacht mij de toekomst toe
al is mijn beweging niet meer zo soepel
wordt ik van afstand lopen eerder moe
en lijkt mijn rug af en toe een hoepel.
Gelukkig zijn er genoeg hulpmiddelen
tegen humeur somber en dor
alle chagrijn en ellende overvleugelen
ik red me prima met m’n rollator.














