Die nacht in “De hof van Gethsemane”


Donker en droef was die nacht.
Jezus vroeg; “Hou met Mij de wacht.”
Maar de elf waren in slaap gevallen
En konden niet waken, zij allen.
Jezus zag hen droevig aan;
“Zijn jullie niet met Mijn lot begaan?”

En weer verdween Hij in de duisternis.
Voelde, als geen mens ooit ’t gemis,
van sterkte, vriendschap en medeleven.
Heeft de Vader Zijn angsten blootgegeven.
“Vader, alleen kán Ik dit niet aan.
Laat, Vader, deze beker Mij voorbij gaan.”

Na zijn elf ook sliepen voor de derde maal,
vergaf Hij hen hun onmacht, allemaal.
“Slaap nu door, het is reeds volbracht.
Nu zal Ik over u waken tot de laatste nacht.
Wat er geschied, Ik zal altijd bij u zijn.
Eeuwig zal ik u behoeden tegen angst en pijn”

Geboeid, geslagen is Jezus weggevoerd.
De apostelen waren door angst “gevloerd”.
Verstrooid als een kudde schapen verjaagd,
door spijt, wroeging en schaamte belaagd.
Een voorbeeld voor ons in deze tijd.
Naar ons gedrag, valt hen geen verwijt.