Een leidende Geest

Dank Heer voor de adem geschonken door Uw Geest
waarmee wij van Uw liefde mogen zingen
en spreken van Uw wonderen die U alom deed
ons leven geeft en kracht Uw aarde te bewerken

Heer geef ons lust met Uw gave zelfs bergen
te overwinnen ook juichend door dalen in ons
leven gaan elkaar steunend in eendrachtelijk
streven samen in Uw geloven borg te staan

geef Heer in ons dat verlangen steeds op te zien
naar Uw Heilige berg door Uw Geest gedreven
als pelgrims die steeds trekken naar dat eeuwig doel

wil ons leiden door Uw Geest met kracht die ons
voor ogen stelt Uw belofte over bergen en door dalen
een levensweg waar enkel slecht liefde telt.

Wachtende bruid


Kom Bruidegom over velden bergen en meren
kom snel naar waar Uw bruid vol verlangen wacht
zich hoopvol opmaakt voor Uw huwelijksnacht
en al Uw wensen vol ontzag wil eren.

Kom Bruidegom, de feestzaal is ingericht,
toon ons Uw glans,Uw oneindige schoonheid,
dans heel de nacht met haar, door U bevrijd,
gun ons vreugde van Uw glanzend aangezicht.

Grote held zij heeft U in haar hart gesloten
verheugd wijdt zij U haar schoonste zangen
vanuit haar innerlijke liefde ontsproten.

O Bruidegom kom en vervul ons verlangen
om op te mogen gaan tot Uw bruiloftsfeest
waartoe U ons hebt genodigd door Uw Geest.

Verzadig ons

Al zullen bomen vrucht’loos blijven
En geven akkers lege aren
Dan nog zal ik Uw goedheid schrijven
Uw woord en liefde steeds bewaren.

Verdampt het water in rivieren
Of vind geen mens nog schaduw meer
Zal dorheid, droogte hoogtij vieren
Dan bidden wij nog, bevrijd ons Heer.

Geef uitkomst uit de aardse zorgen
Die daag’lijks drukken ons terneer
En leidt ons in een nieuwe morgen
Ach, wijs ons ’t rechte pad toch weer.

Dan drenkt U d’ aarde weer met regen
Verzadigt onze ziel met zegen.

Uw gave van de stem

Rijk mij de woorden aan om te dichten
geef mij een stem die tot U klinken  mag
mijn liefde hoorbaar tot U te richten
als loflied gezongen iedere dag.

Laat mij danken voor  goedheid die ik zag
in gaven van heel het aardse leven
waar ik bewonderend zie met ontzag
de schoonheid in Uw schepping gegeven.

Wil mijn lied horen tot U geheven
als van verlangend dankbaar prijzend kind
dat alleen door Uw liefde omgeven
slechts in Uw armen ware ruste vindt.

Dan zal ik eens in Uw hemelzalen
met lof, eer en zang mijn dank betalen.

Licht van zekerheid

De dag is begonnen met Uw warme schijn
licht dat getuigenis op heel de aarde
van Uw almacht en grote liefde wil zijn
dat U, ondanks zonden, ons steeds aanvaarde.

Als mensen Heer laat U ons steeds in waarde,
ziet ons lijden in Uw mededogen aan
stelt ons vooruitzicht op Uw schone gaarde
dat wij daar eens voor eeuwig voor U staan.

Geef ons het zeker weten in dit bestaan
dat U bent en ook voor altijd zult blijven
in eeuwigheid altijd met ons zijt begaan
eens voor eeuwig de twijfel wilt verdrijven.

Dank, dat U ook deze dag wilde geven
teken van licht waarin wij mogen leven.

Hulp uit dankbaarheid

Geen gift is zo groot als liefde ooit verkregen
in een warm hart dat klopt voor ieder mens
die steeds weer voldoet aan elks liefste wens
ook al wordt zijn goedheid in stilte verzwegen

stil is de dank dat hij kan helpen waar nodig
geen kleine beloning is voor hem zijn deel
zelfs een woord van dank vindt hij dikwijls teveel
elke dankbetuiging vindt hij overbodig

hij vindt normaal dat hij helpt waar het kan
men hoeft hem daarvoor niet uitbundig te loven
hij is een vriendelijk voorkomend zwijgzaam man

’s avonds voor slapen gaan buigt hij in geloven
zijn  hoofd en knieën en dankt oprecht zijn Heer
voor hulp en steun en legt zich dan ter ruste neer.

Geprezen dag


Als kwam de dag op vleugels gedragen
zo wekte mij de zachte ochtendzon
‘wijl vrolijke vogelzang begon
en nieuwe kansen voor ’t rapen lagen

de vlinders zweefden tussen bloemen
het leven lachte mij toe deze dag
het was al schoonheid wat ik zag
een rede om de Schepper te roemen

in ’t licht van vroege avondschemering
waarin de zon nog ‘t veld beschijnt
bepeins ik in alle stilte de zegening

die nooit en nimmer meer verdwijnt
in vrede zijn deze dagen gegeven
dat wij op aarde kunnen leven.

Die werkelijk dicht


Met flarden dartelen woorden door mijn brein
ondanks al mijn moeiten kan ik ze niet vangen
hoewel ik toch eerlijk barst van het verlangen
ik krijg ze maar niet op regel of één lijn.

Als versjes schrijver gaat je dit echt frustreren
langzaam zakt je het moede hoofd in de schoot
vraagt men hoe je werk gaat, geneer je je dood
je bidt, lieve Heer zal ik het ooit eens leren.

En op een dag gaat je ineens een lichtje op
zo van, zal ik het dan nu zo eens proberen?
Ineens schrijf je dan weer bevlogen non-stop

en je weet  wie je als weldoener moet eren.
Ik zit dan ook zelf wel een beetje te schrijven
maar toch zorgt Hij dat ik niet weer af zal drijven.

Dankbaar in de ochtend


Zachte licht der ochtendzon heeft mij gewekt
rijzende zon bescheen mij met warme stralen
kwam mij op nieuwe dag met vreugd onthalen
nieuwe kansen lagen voor mij uitgestrekt

vlinders fladderden tussen kleurrijke bloemen
heel het leven lonkte naar mij deze dag
het was al schoonheid wat ik rondom zag
reden ten over om de schepping te roemen

en in het licht van vroege avondschemering
waarin de zon nog zacht het veld beschijnt
overdenk ik stil en dankbaar de zegening

die nooit door menselijk falen verdwijnt
dagen als deze in rust en vrede gegeven
waarin wij op aarde mogen blijven leven.

Ik wil bezingen


Lopend over deze schone aarde
voel ik warme streling van Uw hand
in liefde waarmee U mij bewaarde
schiep ook voor mij een Vaderband

als Uw schepping ben ook ik Uw zoon
vergeeft U telkens weer mijn zonden
en aanvaardt mij in liefde zo gewoon
hebt mij van satans machten ontbonden.

Laat mij stralen als licht voor Uw voeten
zie mij als kind dat vrolijk wil zingen
alle dagen Uw licht blij wil begroeten
genietend van alle mooie dingen

Uw aarde Heer is nog steeds een paradijs
wie dat ziet bezingt Uw lof op eigen wijs.

Wijsheid van rust en vrede


De wijsheid heeft ons nooit bekoord
Wij tasten hier als blinden rond
Geen mens die ergens vrede vond
Al staat dat duid’lijk in Zijn woord.

Het vliegt als lucht in ‘t ledig heen
Men acht het van geen enkel waarde
En vindt het last wat men bewaarde
Hetgeen gist’ren nog wijsheid scheen.

Toch ligt in wijsheid rust en vrede
Die men steeds overal weer zoekt
Maar nooit is het, het zeker weten

Dat zonder toewijding of bede
Een mens ook resultaten boekt
Geen mens moet ooit de Bron vergeten.

Naar het Bijbelboek Prediker

Mooie woorden

zwarte shagteelt
Heel veel woorden passeerden reeds de revue
alle mooie woorden die je maar kunt bedenken
over welvaart en armoe van toen en nu
de arme wereld die we zullen gedenken.

Wat zijn die volkeren ellendig en arm
hun samenleving door dictators onderdrukt
klimaat is door vervuiling te droog en warm
economie door uitbuiting steeds mislukt.

Wij confereren over hun toekomst en lot
de mogelijkheden die wij nemen zouden
als wij daartoe de gaven kregen van God.

Woorden zeggen dat we van mensen houden
hoe goed en bezorgd we wel zijn voor elkaar.
Eerst wijzelf, die ander is onze naaste maar.

In stille aanbidding

Waar bloemen hemelse paden sieren
Ziende schepping en leven rondom
vol verwondering en aanschouwen
voel ik warmte in diep vertrouwen
van Uw grote liefde en hulp alom.

Alle mensen dieren bloemen
heel Uw aarde door U bedacht
in volmaaktheid vol van Uw pracht
zal ieder schepsel Uw naam roemen.

Maar als wezens klein broos en teer
leggen wij mensen door U geschapen
ons niet bij Uw grootheid neer
denken te winnen door eigen wapen.

Leer ons dat we machteloos staan
zo wij Uw weg steeds in aanbidding gaan.

Een appel

verleidelijke appel
Het was een appel slechts die ons de zonde bracht
een heerlijke vrucht zo schoon van kleur en vorm
één vrucht slechts vervaagde onze waarde en norm
één moment had die appel ons in zijn macht

hij was zo mooi zijn glans wonderlijk schoon
zo hij daar hing straalde onschuld van hem af
wie verwacht bij ene hap een eeuwen lange straf
plukken van die vrucht was eigenlijk gewoon

waarom knaagt onrust welk men anders niet kent
bij oogsten van zo vele soorten zelfde fruit
hoe komt dat men dan niet op gelijke wroeging stuit
is men niet gerust dat men nu de wijsheid kent?

Hoe zou een appel ons ellende kunnen brengen?
Door hebzucht moeten wij nu tranen plengen.