Zoekend verblind door het Licht


Wat zoeken wij het licht in duister
licht wat reeds eeuwen op aarde is
gekomen in een nacht vol luister
daar verdreef een ster de duisternis.

Daar werden mensen bijeen geroepen
getuigen van dat licht te zijn
dat ze ieder toe konden roepen
over dat Kind in de kribbe zo klein.

Het licht vanuit de kribbe beantwoord
het licht van de vrede in die stal
dat licht is voor elk die er van hoort
Licht dat vrede op aarde brengen zal.

Onbegrepen wonder


Begrijpen wij niet het wonder verkeerd
het wonder dat Hij ons zond in die nacht
het wonder dat wij zo fel hadden begeerd
het wonder van vrede zo lang verwacht.

Wij dromen van liefde en rust in overvloed
gebracht in een stal door dat ene Kind
die ons eeuwig behoed voor rampspoed
het wonder dat hemel en aard verbindt.

Hij wás het wonder waarop wij wachtten
Hij bracht ons de Liefde en de rust
Hij versloeg voor ons de kwade machten
na zoveel jaren zijn wij dat nóg niet bewust.

Kerstvrede


Wij hopen iedere jaar op vrede
Die komen zal uit Betlehems stal
Een kind die de wereld redden zal
De Zoon van God doet Zijn intrede.

Hij komt voor armen en voor rijken
De engelen kondigen Hem aan
Hij wisselt Zijn troon voor aards bestaan
Zijn naam zal eeuwig als heerser prijken.

Maar is nu twintig eeuwen nadien
De vrede eindelijk gekeerd op aard?
Of is er iets mis gegaan misschien.

Is wellicht Zijn woord na zo’n tijd verjaard?
Nee God vergeet niet wat Hij belooft
Wij hebben onszelf van vrede beroofd.

Wonder der schepping


Daar waar ik de rust en stilte vind
het stil genot van de schoonheid
natuur die mij aan de schepping bindt
de zachte adem van de vrijheid.

Daar openbaart zich de verwondering
van wat onmogelijk is toch mogelijk wordt
bewijs dat alle leven in aanvaarding
met liefde en zorg wordt omgord.

Het maakt niet uit in welk seizoen
de schepping bewaakt elk leven
zal zich nooit van het wonder ontdoen
dat haar vanaf den beginne is gegeven.

Brug


Zal al wat ik heb vergank’lijk zijn
Ten prooi aan rot verderf of gisting
Geluk verwelken tot verdriet en pijn
Mijn spaargeld opgaan aan verkwisting.

Mijn leven worden tot gal en zuur
Mijn lichaam mij tot zware kwelling
Mijn geest verbranden als in hellevuur
Mijn gaan en staan op peilloze helling.

Wat zal mij dan op aard nog binden
Dan enkel wanhoop dat mij treft
Waar zal ik dan vertroosting vinden
Dat mij van verder ellende ontheft.

Maar altijd zul jij dan naast me staan
Om samen tot het einde door te gaan.

Land van eeuwig zonneschijn en vrede


Waar is het land waar enkel vrede woont
daar waar langs alle wegen bloemen staan
en op gouden zetel de Liefde troont
tussen mensen geen vetes meer bestaan

Wijs mij het land van eeuwig zonneschijn
de nacht geweerd door gouden licht
waar ieder wordt gespijsd en gelest met wijn
daar is iedere deur open, de poort nooit dicht

Laat mij gaan naar dat oord van vrede en rust
dat land moet toch ergens wezen
daar leeft men in vriendschap bewust
daar is nooit haat of nijd gerezen.

Doorbrekend licht


Al zijn de dagen somber grauw
met zonlicht als door gordijn
een hemel melkwit zonder blauw
’t hart beklemd vol verdriet en pijn
de einder in nevel verdwenen
geen uitzicht of wijds veld
toch heeft ook voor ons die Ster geschenen
die van eeuwige vrede heeft verteld.

Hij kwam ook tot ons in somber duister
en maakte donkere nacht tot licht
Hij kwam niet in macht en luister
maar als kind heeft Hij zich tot ons gericht
Hij was als knecht die ons wilde dienen
en zetelde niet in een paleis
Zijn gunst hoefden wij ook niet te verdienen
Hij brengt ons uit gena naar het paradijs.

Avondlichten


Als de dag overgaat in schemer,
begin van nachtelijke rust
sterren zich verspreiden langs de hemel
avondrood de kim weer kust
dan verzink ik stil in gedachten
met tevreden en voldaan gevoel
moe van zwoegen en jachten
op mijn terras in gemakkelijke stoel

in de verte versterven laatste geluiden
ergens hoor ik wandelaars
en een verre torenklok luiden
het licht verzwakt als dovende kaars
helderder fonkelen nu sterren
en flauwtjes schijnt de maan
en ik geniet hier van verre
hoe alle tekenen aan de hemel staan.

Blijdschap

1 Belofte uit het verleden
2 Plek om te wensen
3 UItgelate
4 Zwijmelen
5 Zo maar blij op een dag
6 Wintersgeluk
7 Wij verwonderen ons
8 Wijs mij de zekerheid
9 Op herhaling
10 Onschuld
11 Liefdesfeest
12 Het lied der liefde
13 Klank van mijn woorden
14 Ik wil bezingen
15 Iedere dag
16 Iedere dag is om te zingengen
17 Het kleine
18 Getuigen
19 Geen tijd achterhaalt Uw troost
20 Gaven
21 Feest als het Hooglied
22 Een stem als muziek
23 Een nieuwe blijde dag
24 Door een poort van licht
25 Dankbaar veblijden
26 Blijdschap over wonderen
27 Blijde koren
28 Blij vertrouwen
29 Blij met iedre dag
30 Als Uw kind

Bezinning

Tussen aard en hemel
Wie is wie kwijt?
Autobaan
Kwetsbare levensvreugde
Bezit
Samenheid
Geen vrede
Ontmoeting
Schapen
Zwaarden en speren
Zoeken en vinden
Zo wil ik zijn
Zeventig maal zeventig maal
Wij missen Emmaüs
Wie van u zonder zonden is
Wetend en toch zoekend
Werkelike waarde
Werkelijke overwinning
Wereldverantwoordelijkheid
Wat wáren we rijk
Wat valt er te wensen?
Wat toch zo dichtbij is
Voor alles een tijd
Vergelijk
Veel individuen
Vanuit ’t universum
Twijfel overtuigen
Twee woorden
Twee wetten waren voor Jezus genoeg
Twee kanten
Tussen grote drommen
Toekomst op korte termijn
Strijd en vrede
Stille week
Sociaal
Schreeuw uit…! Máár, bid…!
Schaduwen klimmen
Samenvatting van de wet
Salomonswijheid
Rijke en arme jaren
Richtingwijzer
Rentmeesterschap
Reis door avondschemer
Redding
Open harten
Opzoek naar een nieuw paradijs
Oorzaken
Onterecht wantrouwen
Onsterfelijkheid
Ongeloof
Ongeduld
Nieuwjaarshoop
Niet ànders dan gisteren
Mooie woorden
Mijn steen
Mijn naam
Menselijk ego
Liefhebben
Lied
Levensweg
Levensakker
Leiding
Keuze
Jeremiah de agrariër
Innerlijk
Stille aanbidding
In heel diep dal
In aardse banden
Ik zit te peinzen
Ik zit er mee
Ik kàn niet geloven
Ik kan een boom niet laten groeien
Ichtus
Hoeveel liefde schonk Hij ons
Het teweede gebod
herfstpad
Bethel
Haat, wraak
Gods kinderen
Gods huis
Gods berouw
Gewacht
Geschapen leven
Gelukkig mensyclus
Geloofsovertuiging
Geborgen in veilige keus
Gebonden in vrijheid
Fundamenteel
Er staan…
Eerlijk?
Eenzijdige tunnel
Één
Één woord
Een steen
Een roep wordt vernomen
Hemelhoge toren
Een harde les
Een appel
Domme wijsheid
Doel van het woord
Depressief
Deining
De wereld leidt
Dan zal het altijd vrede zijn
Cyclus
Boeiend tot over de horizon
Bekende weg maar tòch…
Anti-inferno
Anders
Als kaal geploegd land
Als de wind om mijn hoofd
Allemaal mensen
Aardsgeflonker
Aanvaarding

Avondmaal

1 Drie-eenheid
2 Brood-wijn-zegen en Liefde
3 Zijn lichaam en bloed
4 Zegen spijs en drank
5 Uitgenodigd
6 Symboliek van de avondmaalswijn
7 Stilstaan bij “Witte donderdag”
8 Hij nam het brood
9 Gelijke genodigdeen uit genade
10 Gebroken rood een gevulde beker
11 Avondmaalbinding
12 Aanzitten bij Hem

Algemene sonnetten

1 Zelfrespect spiegelen
2 Dichteerlijk fatsoen
3 Recht toe, recht aan
4 Kwetsbare levensvreugde
5 Zwijgende muze
6 Gelukzoekers
7 Cyclus van de bloem
8 Droomfantasie
9 Hendrik Marsman
10 Muziek en verder niks
11 Levensklimaat
12 Een wijze spreuk
13 Voor mijn lol
14 Ver- wan-trouwen
15 Etmaal
16 Als diening der zee
17 Aanbidding van de muze
18 Vakantie in eigen regio
19 Maskerade
20 Levensherfst
21 Koffiedik kijken
22 Futuristische droom
23 Zwevend
24 Toch wel
25 De zwaan
26 Doei
27 Nieuwjaarshoop
28 Stemming als eb en vloed
29 Reflecteren
30 Al eeuwen door het zelfde

Algemene bezinning

Leeg…
Jaar en tijd
Schepping en afbraak
Gewoon herfst
Wat zegt veel?
Zomaar ’s avonds
Winden van gemoed
Wie?
Waarde zoeken
Vertrouwen op tijd
Valse illusies
Toekomst wwereld
Te hoge inzet
Stille pijn
Stemming als eb en vloed
Steen of vlees
Rouw en feest
Reflecteren
Ontmoeting
Niet gans hopeloos
Mysterie van tijd
Mennering
Toekomst vóór verleden
Jo-jo
Kiesrecht
Ik zoek de uiteinden
Ik ben ik
Goden van het light
Gevallen spiegelglas 2
Gevallen spiegelglas
Gehoor
G(K)raaicultuur
Even
Eigen keuze
Eerste
Alleen het heden
Al eeuwen door het zelfde

Grote rode trailer

Orange red 18 wheeler new semi truck delivering goods on the road at night with headlights

Nee ik wil die grote trailer niet voor ’t huis zien staan
die trailer met die schreeuwend grote cijfers
waardoor gelijk alle buren groot alarm slaan
volgens zeggen afgeladen vol briefjes vers van de pers

Waarom zijn mensen zo dol op die papierenrompslomp
als je er veel van hebt komen ze je soms de kop inslaan
ze halen je zakken leeg en dumpen je in de plomp
nee laat die rode trailer mijn deur maar voorbij gaan.

Maar als ze mijn bankrekening willen weten
sta ik altijd klaar hen aan de telefoon te woord te staan
tsja.., uiteindelijk moeten wij ook van die vodjes eten
ik hoef er niet in te zwemmen maar pootjebaden zal wel gaan.

Roze wolken


’t Is niet alleen vaste grond waarover ik ga
soms kan ik uren zweven door ’t zwerk
op donkere, dan wel roze wolken gedreven
of waai zo maar ergens in luchtledig niets
maar voel me nooit boven ’t aardse verheven

Zacht laat ik me meevoeren door wind
die zingt door bomen en rimpelt ‘t water
en brengt me naar landen ver over zee
waar onder palmen langs blanke stranden
vriendschap, vreugde, vrijheid en vrede leeft.