Iedere dag nieuw geluk


Als ’s ochtends met de vogelkoren
en het nieuwe licht aan de horizon
het nieuw geluk wordt geboren
onder de gloed van gouden zon.

Over smaragdgroen veld bezaait met parelen
en vaag blauwe bossen aan verre kim
onder azuur lucht waar kievieten buitelen
en zwaluwen doorheen scheren als een schim.

Dan lijkt de wereld ’t sprookje van weleer
een paradijs vol vrede en feest
daar ontmoet de mens zijn schepper weer
dan is ’t zoals ooit Gods bedoeling is geweest.

Is dit het paradijs?


Hoe lang heb ik niet nagedacht
terwijl woorden mij ontvloden
vervlogen in ijle lucht in duist’re nacht
tussen wolken die geen weerstand boden.

Ik zag schimmen die weken
als vogels op hun verre vlucht
die op dinosaurussen leken
bloed doorlopen muilen van moordzucht.

Rampen die mijn zinnen wisten
steeds weer steden omgeploegt
kinderen die hun ouders misten
en de draken reageerden vergenoegd.

Zwijnen zijn het die zwelgen in bezit
denken God op fouten te wijzen
rijkdom en macht is hun doelwit
door list en bedrog willen ze gelijk bewijzen.

Eens was de aarde een paradijs
Gods tuin, schoon door vele bloemen
mens en dier brachten Hem eerbewijs
en ieder wilde Hem om Zijn vrede roemen.

Omschrijving van mijn muze


Als een bloem zo teer van kleur
een opengevouwen kelk.
Schoonheid en reinheid
die haar omringt en kust haar wangen.
De gratie waarmee zij beweegt
als een hinde, een ree, een gazel.
Waar zij haar voetstap zet
groeien bloemen van goud,
bomen met bladeren van smaragd
haar mond ademt lauter rozengeur.
Haar zang is schoner dan vogelzang
Rond haar taile een gordel van zirkoon
haar ogen stralen de warmste stralen
heel haar wezen en karakter,
noemt haar naam……. LENTE!

Hulp in duistere nacht


Dikwijls verwens ik de nachten
om hun ondoorgrondelijk duister
om hun geluiden alsof spoken lachten
met een huilend hoongefluister.

Opgesloten in ruimte zonder schaduwen
waar geen mens een hand voor ogen ziet
opgevreten door angst en zenuwen
in een wereld die geen hoop of soelaas meer biedt.

Met blinde ogen tast ik langs de wanden
hopend op opening wijzend naar zon
schijnend op blanke warme stranden
nog steeds in hoop dat ik daar verblijven kon.

Maar de nachten blijven duister
en de ruimte blijft een gesloten cel
’t geluid blijft een dreigend fluister
heel het leven lijkt meer en meer duivelsspel.

En toch!…, Heer komt aan U de overwinning
U geeft ons zekerheid U geeft ons kracht
en eens komen ook wij tot bezinning,
kom ons ook nu te hulp in deze duistere nacht.

Onvoorstelbaar


Heer, begrijpt U niet
wat ik allemaal vragen wil
’t is of U ’t verdriet niet ziet
U blijft op onze bede zo stil.

Ziet U niet onze aardse noden
hoort U niet de jammerklachten
ziet U niet de duizenden doden
of dat wij naar vrede smachten.

Heer, U lijkt zo ver bij ons vandaan
ergens daarboven in Uw hemelrijk
alsof U met ons lot niet bent begaan
maar Heer, geef van Uw liefde blijk.

Verander Heer de machtigen der aarde
zodat zij de juiste keuzes doen
dat Uw wereld wordt zo de schepping baarde
een tuin vol bloemen en vol groen.

Heer nu worden landen verdrukt
en Uw natuur wordt afgebroken
volkeren worden vrijheid en voedsel ontrukt
wanneer wordt de kwade macht doorbroken.

Ach Heer, hoor ons gebed
en leid ons op goede paden
dat elk op Uw geboden let
dat wij Uw naam niet zullen schaden.

Hoop en vrede


Steeds weer is er de hoop
hoop in mij dat het goed is
alle dagen van mijn levensloop
veel geluk en geen gemis.

Die hoop is niet voor mij alleen
ik bid voor allen op deze aarde
voor jong en oud, voor iedereen
niemand is van meer of minder waarde.

Niemand is van neer of minder gewicht
het zij bedelaar, koning of werelleider
ieders taak is op steun en/of hulp gericht
of hij autochtoon is of gastarbeider.

Zo hoop ik dat de wereld mooier wordt
mensen behulpzamer voor elkaar
ieder zich met wapens der liefde omgordt
dan worden vrede en vriendschap waar.

Nie wieder


Geen volk weet beter
wat vrijheid betekent
dan ’t volk dat was verdrukt
dat werd geknecht
door wrede bezetter.

Een volk dat als geen ander weet
hoeveel de angsten zijn
door medemens veroorzaakt
bestuurd door één gewetenloos potentaat
een monster zonder geweten.

Wat bracht de mens zover
hem blindelings te volgen
alsof hij stond boven ieder ander
“Een god?” Een duivel was hij,
niets anders!!!!!!

Hij noemde het “Mein kampf”
en stortte heel de wereld diep in rauw
en na die medogenloze oorlog
riep iedereen “Das nie wieder!”
“Nie wieder???” !!!!!!
Ach …..!!!!!!

Ruimte op de aarde


In bossen en of velden
ergens door heel de natuur
hoor je wat zo zelden
als muziek klinkt zo puur.

Dans over de aarde
het leven is zo mooi
zie dagelijks de waarde
de wereld in lente tooi.

Dans in licht der zonnestralen
onder cobaltblauw der lucht
daar kan men frisse adem halen
vanaf de ochtend tot de avondlucht.

Mijdt de stad met kwade dampen
zie de horizon wijd en fris
dan krijgt men niet met claustrofobie te kampen
maar ziet men hoe de wereld werkelijk is.

Afhankelijk

Het vreemdste wezen dat ik ken
is wel de mens in mijn ogen
alhoewel ik er zelf ook één ben
al heb ik moeite elk te gedogen.

In hun aart zijn ze niet zo slecht
ook ikzelf maak wel een slipper
’t gaat niet altijd krom, ook wel eens recht
niet elke roeiboot is een klipper.

Is de ene mens goedheid in eigen persoon
de ander zou je op willen leren schieten
vind je bij de één iets heel gewoon
een ander zou je achter behang willen nieten.

Toch hebben wij elkaar allemaal nodig
en zitten we, zo nu en dan, flink in de puree
dan blijkt geen enkel mens overbodig
en zeggen we bij hulpaanbod, tegen niemand nee.

Mijn weg naar de horizon


Opgesloten in een kooi
gevangen tussen muren
in massa van zelfde allooi
slijten dagen, jaren, uren.

Leven wil ik, ongekooid
op een wereld tussen mensen
niet van levensruim berooid
ongedwongen met eigen wensen.

Wie zal ooit de muren slechten
de kooi ontsluiten naar vrije lucht
geen dwang, maar eigen rechten
in vrijheid leven en geen tucht.

Laat mij gaan langs gebaande wegen
naar de heldere horizon
naar Uw Hof in het licht van Uw zegen
naar het paradijs waar Uw schepping begon.

Mensen van de dag


Mensen van de dag
je kunt het zelf niet rekken
leven met traan of lach
tot je het niet meer kunt trekken.

Mensen van de dag
het leven begint zo mooi
geniet elk moment en lach
de jeugd is als lentetooi.

Mensen van de dag
elke dag in zomers warmen
waarin je vrij leven mag
en de vrede mag omarmen.

Wij, mensen van de dag
denken dat we eeuwig leven
zonder goddelijk ontzag
Hem geen dagelijks dank te geven.

Alle gaven, iedere dag
zijn een goddelijke zegen
ontvang die met blijde lach
wij hebben ze van Hem gekregen.

Gevulde tijd


Iedere dag
vult een deeltje
van een jaar.

Een jaar
dat een deeltje
is van je leven.

Je leven
dat je vele dagen
al lief is.

Vul dagen
die je nog krijgt
met liefde die je hebt.

Vul de wereld
in de jaren
vol vrede.

Verwachting


Op aarde mag ik blijven
zoekende rust en geluk
en wil daar schrijven
over vrede zonder druk
met mensen in alle soorten
van elke huidskleur en ras
komend uit alle oorden
vredig zo het paradijs eens was.

Eens zal de aarde wezen
zoals ooit in het paradijs
dan hoeft men nooit te vrezen
al lijken tijden nog zo grijs
dan kunnen wij in vrede rusten
onder schaduwen van bomen
aan glazen zee met blanke kusten
van aardse druk in vrede bekomen
wat zal ’t daar heerlijk zijn.

Aanvaarding ondanks twijfel


Hoe zou ik kunnen geloven
dat er een God is die de aarde schiep
die leven schonk aan mens en dier
die vergeving schenkt voor alle zonden
ook voor alle leed en wonden
die men Hem toebracht aan het kruis.

Laat mij geloven in Zijn vergeving
Zijn bescherming dag en nacht
vertrouwen op Zijn gena en ontferming
Zijn liefde is wat ik van Hem verwacht
maar waar Hij is, daaraan twijfel ik
’t is allemaal zo onwaarschijnlijk
zo lang geleden, zo ver van mijn bed vandaan.

En toch… zie ik iedere dag Zijn glorie
door het licht in de ochtendstond
het bloeien van de bloemen
dan weet ik dat Hij op aarde naast ons staat
en verdwijnt mijn ongeloof en twijfel
en weet dat Hij ondanks alle zonden
ons als Zijn kinderen aanvaard.