Weersverandering


Niets is triester dan een stad in grauwe regen
Sombere mensen in de straat
Plenzend water door goten en over wegen
Glimmend asfalt ’s avonds laat
Niemand groet of spreekt een woord
Zwijgend loopt iedereen langs elkaar
Zelfs in bomen wordt geen vogel gehoord
De stad is uitgestorven schijnbaar

Maar als morgen de zon weer zal schijnen
Na een gloeiende schijn van kim tot kim
Zal ook snel somberheid verdwijnen
Als een snel vergeten hersenschim
Dan vullen straten weer vol vrolijk leven
Zingen vogels weer in kruinen van bomen
Zullen wij vrienden weer een glimlach geven
En zal doodse stad weer tot leven komen