Dienst van de Geest


Dank dat U ons niet alleen hebt gelaten
ook nadat U op wolken werd gedragen
en wij bedroeft tezamen zaten
stuurde U Uw Geest om ons te schragen

U schonk ons die Geest, Uw heilig vuur,
zodat wij steeds van U zouden getuigen
bij vrolijk feest of droevig uur
en U alle lof en eer betuigen.

Wij danken U dat U in de doop
de geesteskracht wilt bezegelen
bevestig hiermee voor ons de hoop
dat U ons plek in de hemel wilt regelen.

Schenk ons de gloed van het vuur


Stuur ons Heer, als op de dag die wij herdenken
weer het vuur over heel uw wonder schone aard
dat Uw liefde en warme gloed blijft bewaard
die U ons in vertrouwen hebt willen schenken

Uw Geest weert de koude uit ons aards bestaan
en is de rots waar wij vaste voet vinden
Hij is steun die van onze schuld wil ontbinden
Hij helpt ons in liefde en vrede te bestaan

Stuur ons die Geest die enkel tot U kan leiden
voor ons baant het smalle pad dat U ons wees
dat pad wat ons voert naar ons zeker bevrijden

dan komen wij blij en opgewekt zonder vrees
laait in ons die warme gloed in vuur en vlam
dan zingen wij verheugd als dank aan het Lam.

Geschapen om te genieten


Zie het wonder van de morgen
Het wonder der stralende morgenzon
Het duister baart nu niet meer zorgen
Geniet het licht glorend aan de horizon.

Het wonder van de nieuwe dag
Waarin ons weer ‘t leven is geschonken
Om in bewondering en vol ontzag
Te zien naar al wat zo welig staat te pronken

Zie alom naar ’t wonder van het leven
Vreugd en schoonheid die rondom je tiert
Dit alles is ons voor niets gegeven
In een schepping die met ons het leven viert.

Niet alles is halleluja


Weg die sneeuw en ijzige kou
vogels zingen weer in de bomen
krokussen, narcissen en tulpen
verspreiden voorzichtig hun kleur
in de weide dansen lammetjes

halleluja!!!

maar tussen krokus, narcis en tulp
wordt ook distel en netel weer gewekt
aan de helder blauwe hemel
is ook van ver de donkere wolk te zien
al bedenk ik een goed gedicht

ik heb geen tijd het op te schrijven.

Herdenken en vieren


Ik heb een krans gelegd
voor hen die vielen
bloemen ter nagedachtenis
in stilte hen herdacht
die streden voor onze vrijheid
gerouwd om die niet meer zijn.

Ik heb de vlag gehesen
ter ere van het feest
om de vrijheid te vieren
van hen die levend zijn
want zij die hun leven lieten
wilden dat wij blij zouden zijn.

Buiten het heelal


Ligt daar het grenzeloze
het eind van het heelal
eeuwig licht, eeuwig duister
waar niemand
levend keren zal

achter maan, zon en sterren
waar in universum
nog duizenden
hemellichamen staan
zo heel ver hier vandaan

ligt daar het grenzeloze
het duister waar
niemand wezen wil
zo eindeloos onzeker
zo levenloos en stil.

Onbegrip en troost van hemelvaart


Wij wilden U hier houden op aard
maar U wist dat de tijd was gekomen
terug te keren naar hemelsparadijs
en weer bij Uw Vader thuis te komen.

Ach, erg bedroefd waren wij wel
we konden geen voorstelling maken
hoe het zou zijn zo zonder U
als wij U niet konden horen of aanraken.

Ook hadden wij geen flauw idee
van wat U bedoelde dat U op zou varen
wij wilden op de wereld met U mee
maakten zorgen dat wij eenzaam waren.

Maar opgevaren bent U op een wolk
voor de ogen van Uw vrinden
om troost voor ons te halen
waarin wij later elkaar zouden vinden.

Onze voorspraak


Uw thuisreis naar Uw Vaders huis
waarheen U op wolken bent gevaren
nu zittend aan de rechterzij
van Zijn hemeltroon
geprezen door de engelscharen
als Zijn enige ware Zoon.

O Heer, U bent verrezen
als een ware held en vorst
sindsdien hoeven wij niet te vrezen
want U hebt onze last getorst
U bent nu onze voorspraak
en pleit ons bij Uw Vader vrij.

Aan alle gewezen schonen in den lande


Ach, alle gewezen schonen in den lande
hoe zeer heb ik u toch begeerd
en heeft mij dat hertze bezeerd
daar ik door mijn hogere leeftijd strandde

mocht u mij dan helaas geen favoriet noemen
en had gij dan niet even oog voor mij
thans zijt gij te laat, ’t is voorbij,
kan ik mij slechts in enige ervaring roemen.

Doch daar mijn levensdagen steeds lengen
is nog de tijd gevuld met mijn aanwezigheid
kan ik nog mijn dagelijkse plicht volbrengen

mijn uren en hopelijk vele jaren ben ik bereid
het vrouwvolk van treurnis vrij te waren
hen niet te herinneren aan hunne jaren.

Avondroman


Als straks de maan de hemel zacht verlicht
De sterren haar terzijde staan
Dan schrijf ik voor jou een nieuw gedicht
Over romantiek en volle maan

Dan leen ik de liefdespen van Pierrot
En beschrijf het minnekozen
Alleen gaat dat tussen ons niet zo
Jij hebt voor een ander gekozen

Nu zit ik treurend voor het raam
In het licht der nieuwe volle maan
En fluister zacht jouw naam
Terwijl ik Venus daar zie staan.

Naar ’t eeuwig licht


Ik loop de weg die voor mij open is
De weg die naar de horizon leidt
Een tunnel naar ’t licht vanuit duisternis
Die mij van angst en last bevrijdt

Daar volg ik de weg van mijn Heer
Die mij naar veilig oord wil leiden
Mijn paden effent keer op keer
En tegen kwaad en ongeluk voor mij zal strijden

Dan loop ik die paden zorgeloos
Mijn ogen op het licht gericht
Slechts enkel in het spoor dat Hij verkoos
Zo leidt Hij mij over ’t pad naar ‘t eeuwig licht

Wie zou vermoeden dat wij dichten voor de lol


Wie zou vermoeden dat wij dichten voor de lol
En maling hebben aan hen die recenseren
Wat mij betreft, al schelden ze mij uit voor drol
Ze moeten eerst maar zelf eens schrijven leren
Reeds Bredero zei vroeger; het kan verkeren.

Waarom zou hij die slechts woorden kan vinden
Zijn mening mengt met stormen of iele winden
Alleen nut kennen van klanken die niets binden.

Dus zal ik mij door hen niet laten frustreren
Die denken mij met hun zotheid te beleren
Ze maken mij met hun kritieken heus niet dol
Op mijn fantasie kan ik nog heel lang teren
Wie ’t niet wil lezen doet zijn broek maar vol.

Alleen dat resultaat kan mij al amuseren.

Woordenreis (hexsonnetta)


Helaas gedicht verslaafd
vervult het heel de tijd
en wordt succes een feit
gesnoeid en bijgeschaafd
is onze eer gelaafd
al kostte ons dat strijd

Vergaat het menig mens
in dichterlijke kring
bewogen door een ding
om elk vervuld van wens
te gaan tot gene grens
de ring van neveling

Omdat in ver verschiet
het menslijk oog niet ziet .