Spiegelglas


Het spiegelglas heb ik gebroken en vertrapt
Het beeld zou alleen maar mens en dier doen schrikken
En wie veilig aan dit schrikbeeld is ontsnapt
Die zal geen poging doen de scherven te schikken

Geen poging tot lijmen der brokken wordt gedaan
Waar kostbaar glas der spiegel eens wordt gebroken
Daar zal geen eenheid van het geheel meer bestaan
Nog nooit is uit barsten nieuw geluk ontloken

Geen zicht geen herinnering meer voor morgen
Slechts alles wat nu nog bestaat is vandaag
De spiegel toonde enkel wat was met zorgen
En wat de toekomst brengt is nu nog de vraag

Helaas spiegelglas is niet meer te lijmen
En dikwijls ook de wil daartoe niet te rijmen.

Terreur


Windstil maar in mijn hoofd raast nog steeds de storm
waar noch laag noch hoog de oorzaak van is
slechts enkel het gevolg van rusteloos gemis
verdriet en wanhoop door gebrek aan uitzicht en norm

buiten is de storm geluwd, wind is gekalmeerd
maar nog waait onrust aan in stille bries
een angst voor pijn bedreiging en verlies
omdat men in eeuwen nog nooit heeft geleerd

men zal met gevolgen moeten leren leven
niet meer aan denken vergeten wat is gebeurd
maar zou men toch niet beter kunnen streven

te voorkomen wat er in de wereld gebeurt
voor er door terreur nog meer levens sneven
en er dan nog meer doden worden betreurt.

Tijdelijkheid


Een naam in koude steen gebeiteld
bepaalt herkenning van verleden
geeft niet terug warmte die is geweest
erkent slecht het gemis in ’t heden
verzekert dat vervlogen is wat was
vergaan de hoop van jaren.

Is onze toekomst dan die naam
daar in die koude steen gebeiteld
aan welks voet de grond zich sloot
het werk van een leven lang
in korte tijd verbrijzeld
beëindigd door een wrede dood.

Schrijnend


Luister naar de woorden van de wind
de zangen van de bomen
branding waar zee het strand vindt
water en land tezamen komen.

Zie het graan golven op het land
kleur van duizenden gele aren
gevat in één gouden bestand,
een weelde niet te evenaren.

Luister naar de woorden van de wind
die van zo ver moet komen
de hulproep van het kind
dat slechts van genoeg kan dromen.

Zie de moeder bij het graf
van het kind dat zij baarde
waarvoor de aarde niet voldoende gaf
en zijn leven niet spaarde.

Zo stil


Hoe stil kan het zijn
Als zelfs de stilte zwijgt
Geen stem meer klinkt
Of vogel zingt
Geluid gestorven over ’t wereldrond

Hoe stil kan het zijn
Als ogen worden gesloten
Voor leed, verdrukking en pijn
Als er en medeleven meer is

Hoe stil kan het zijn
Hoe stil…
Hoe stil….???

Gemis


‘k Mis de rozen die kleuren
op dagen somber en grauw
door droevig gebeuren
van smart en rouw.

‘k Mis liefde en lach
glans van zonnestralen
in kleurrijke bogen
die hemel op aarde halen.

‘k Mis warmte en tederheid
in betraande kinderogen
die smeken om rust en vrede
waartoe geen mens is bereid.

‘k Mis helaas het vermogen
te helpen waar zo nodig is
loop bewust met gesloten ogen
voorbij aan schrijnend gemis.

Heelt de tijd de wonden?


Nergens kan stilte zo intens zijn
dan waar zij hoorbaar spreekt
veroorzaakt daar de zielenpijn
als zij contact verbreekt.

Oorverdovend als een donderslag
waaraan geen bliksem vooraf ging
leven, zo stil verbroken op een dag,
slechts blijft de droeve herinnering.

En ergens spreekt het geluid;
“Het is geweest de tijd draait door!”
En niemand die de wonden sluit.
Zoals steeds, het leven gaat door.

Bij leven


Een dag kan somber zijn
en een nacht zo droef
gekweld door angst en pijn
herinnering die men begroef.

Niet alleen schijn die bleef
van vreugde en geluk
maar ook woorden die je schreef
maakten zoveel stuk.

Ook niet de dag dat je heenging
ligt voor mij moeilijk en droef
’t is die ene herinnering
dat jij voorgoed m’n naam begroef.

Roep


In verte schrijf ik woorden
bestemd voor dichtbij
hopend op nadering
van ieder die ver verwijderd is
van mijn dorp en huis.

Zacht fluister ik in de wind
namen van hen die niet horen
hopend op antwoord
van mijn geliefden
die ik met woorden niet bereik.

De weg naar Dachau


Vanuit alle hoeken in Europa
werden ménsen opgejaagd als vee
wisten zelf niet wat zij misdeden
maar moesten met transporten mee
te werk gesteld voor een ideaal
een ideaal dat zij niet kenden
onder het motto “Arbeit macht Frei”
waren ze slachtvee voor die benden

een weg geplaveid met bloed
van weerlozen zonder kennis
van wat hen daar te wachten stond
een weg met slechts één richting
en slavendrijvers joegen hen voort
buiten het kamp werd hun kreten gehoord
weinig kwamen er levend gebroken terug
de rest is genadeloos vermoord.

Memento


In woorden laat ik licht
schijnen tegen donker
door schaduwen van bomen
weerkaatsen over rimpels
waar wind van mijn adem
wateroppervlak beweegt

door duister waar
geliefden blindelings zoeken
warmte van lichaam
met tastende handen
naar hen die zover weg zijn
dat slechts herinnering leeft.

Zij streden voor leven
Tegen verdrukking en dood
Voor vrijheid en recht
Hebben zovelen gered
Uit angsten en nood
Zijn zelf voor het vuurpeloton gezet.