Verloren woorden


Gedachten zullen verborgen blijven
als ze niet in woorden overgaan
en woorden worden dikwijls vergeten
als men ze niet opschrijven zal
hoeveel gevoel zal dan verdwijnen
in het koude niets van het heelal.

Hoeveel geschreven woorden
zijn nooit gelezen als herinnering
aan hen die ze ooit hoorden
opwellen vanuit hun ziel,
als een waarschuwing, een zorg,
alleen omdat het geen mens beviel.

Eenzaam met tweeën


Wandelend door onverlichte straten,
alleen licht uit etalages
of warm verlichte huiskamers
weerkaatst op natte wegdek
en in onverlichte vensters
is ’t alleen mijn eigen spiegelbeeld
gezelschap op eenzame gang
maar hoor in zijn voetstap
een echo van zachte stem
die mij wijst door donkere
onverlichte straten.

Voortkabbelend


Geen tijd gaat ongemerkt voorbij
in dagen van jagen en jachten
als een zee met wisselend getij
gaan en komen steeds gedachten

verleden leeft in de herinneringen
als vaststaand alledaags beleven
van gewone en niet gewone dingen
van ontvangen en geven

in stilte wordt de tijd gesleten
onopgemerkt aan ons voorbij
tot plots toekomst laat weten
in een slag keert het tij.

Levensjaargetijden


Nooit heb ik gedacht
dat herfst zo snel zou komen
zo snel de kleuren in bomen
terwijl ik nog steeds op lente wacht

nog droom ik van het tere groen
dagen vol warmte en zonneschijn
hechten nog beelden in mijn brein
momenten die ik graag zou overdoen

maar voor mij ligt reeds serene gloed
van reine onbevlekte tijden
in toekomst niet te vermijden
een belofte die mij verheugd uitzien doet.

Vervlogen tijden


De tijd wat is de tijd dan vliegen, door te rennen,
om steeds terug te zien wat was en verder gaan
nog meer gebruik van tijd en niet te blijven staan
dat is verloren tijd en moet je niet aan wennen

de tijd, de tijd jaagt voort en kent noch tijd noch rust
onzeker is de klok die onze tijd bepaalt
van ’t komen en gaan de tijd wordt duur betaald
is reeds in vroege ochtendstond op jacht belust

doch bij het gaan der jaren vergrijst vervliegt de tijd
en kunnen wij nog slechts kleine uren sparen
die ons nog zijn bedeeld in snippers toebereid

was tijd geen spiegeling van hoop in onze jaren
dat is waarom wij nooit en nimmer konden vermijden
verdriet in alle eeuwigheid van vervlogen tijden

Samen leven


In afzondering en stilte van de morgen
mijmer ik hoe een wereld vol vrede is
nergens oorlog, twist, onenigheid of gemis
enkel slechts liefde begrip en geen zorgen.

Mensen die leven met en voor elkaar
genieten van rust in natuur en op aarde
ieder laten zo hij is in eigen waarde
op een wereld zonder bedreiging of gevaar.

Wij mogen toch van elkaar verschillen,
ieder mens is geboren met eigen aard
maar wij zijn die rechten aan het verspillen

hebben samenleving met eisen bezwaard.
Ik verlang naar beloofde tijd die zal komen.
Zo zit ik ‘s morgens in stille tijd te dromen.

Stille prioriteiten


Vanaf het duin genietend van glinstering
over de rustige deining van de zee
wachtend, ja waarop, misschien herinnering
aan vervlogen tijden en hun wel en wee

dromerig starend naar overgang tussen lucht
en water waar mysteries zo talloos zijn
voorbij een horizon verder dan vogelvlucht
door avondrood in dalende zonneschijn

wakend dromen van wat het goede brengt
met die zachte deining van water over zee
in stille onuitgesproken hoop van vele mensen

wat zwakheid met moed en krachten mengt
of voert in stilte zoveel heimelijk mee
van nooit uitgekomen en verzwegen wensen.

Geslepen en gepolijst

Een ruwe klomp steen uit de aarde
verontreinigd door modder en zand
ik vraag me af waarom ik hem bewaarde
normaal smeet iemand hem aan de kant
maar ’t was of ik een hartslag voelde
in dat weerbarstig ruwe stuk steen
zag iets van glans toen ik hem afspoelde
als een zacht aureool om hem heen.

In mijn bagage heb ik hem meegenomen
voorzichtig als een kleinood verpakt
wellicht was niemand op zo’n idee gekomen
temeer omdat ik al voldoende was bepakt.
Thuis heb ik hem gereinigd en geslepen
in vorm van zeldzaam waardevol diamant
dat was ’t niet, ik kon er niet mee dwepen
maar zo nu en dan koester ik hem in mijn hand.

Hij is als van voor de tijd der aarde
hoe God ook eens ruwe leem en klei
in Zijn hand bewerkte en bewaarde
koesterde het net als ik nu deze kei.
Hij maakte ervan geen goud of edelsteen,
boetseerde zijn evenbeeld, gaf hem verstand
ook gaf Hij aan hem Zijn schepping te leen
beschermt hem in de palm van Zijn hand.

Steengoede ontmoeting


Er stond een steen
Hij wenkte naar mij
En vroeg mij nader te treden
Maar ik ben door gelopen

Hij bleef daar staan
Op die zelfde plaats
Roerloos en stil
Zo een steen betaamt

Toch keek ik nog een paar maal om
En zag dat hij bleef wenken
‘k Heb beleeft terug gewuifd
En besloot toch even verder te gaan
Maar blijf steeds aan hem denken

Die stijve statische steen
Hoe lang nog zal hij naar mij wenken?

Als…


Als alle paden recht zouden zijn
beloften echt gemeend
en woorden niets dan waarheid
recht in hart en ziel vereend.

Als vrijheid voor ieder mens
een heel normale zaak zou zijn
en elk eens naar eigen wens
kan leven zonder pijn.

Als eens over heel de aard
vrede en vriendschap heerst
in verdeelde welvaart
niemand laatst en niemand eerst.

Als deze dromen uit zouden komen
hoeveel meer was dan leven waard
dan was de aardse balans volkomen
en leven niet door verdriet bezwaard.

Vreemde machten


Hopend is verlangen
brandend in mijn ogen
dat vrede wordt gevonden
waar nu haat nog heerst
zoek ik tussen massa
begrip en menselijkheid.

Moe gestreden tegen onrecht
gebroken door zinloos geweld
alleen tot angst gedreven
door macht, arglistig, vol bedrog.

Slechts overeind gehouden
door hoop op overwinning.

Levensherinnering


Zie in ramen van mijn leven
weerspiegeling van velden
groen tot aan de horizon
golvend gras als op zeeën
bewogen in de oostenwind

hoor door openstaande deuren
zacht het klagen van een kind
gevallen in gespannen netten
en de strikken van een vrind
getroost door oude woorden

voel de streling van het water
dat mij draagt naar gindse zij
gewichtloos zonder enige moeite
als een schip naar stille kust
waar ik kan landen in veilige haven

zie in ramen van mijn leven
weerspiegeling van groene velden
golvend gras tot aan de horizon
hoor nog steeds het klagen van dat kind
voel het water dat draagt naar gindse zij.

Wensen


Als mijn gedachten en woorden
zouden vliegen als wolken in het blauw

witte wolken gedachten waren
die de kou verdrijven

donkere wolken die voor zon verdwijnen
met hen verdriet verdwijnen zou

eens de hemel vrij van tranen
wolkeloos met slechts lach gevuld

ieder morgen over de velden
heel de aarde in dauw gehuld

bomen glinsterend als robijnen
tussen donker groen smaragd.