Idylles


Worstel met de vraag,
waar al mijn dromen zijn gebleven
ze moeten toch ergens zijn in ’t leven
al dromend zoek ik ze zo graag

ergens loopt toch dat pad
waarover ik vroeger liep
nog voor mij de werkelijkheid riep
en ik geen besef van dromen had

hoe roze waren mijn paden gekleurd
zweefden kastelen in wolken
konden slechts zij het vertolken
nog voor mijn droom
met waarheid was besmeurd.

Buiten het heelal


Ligt daar het grenzeloze
het eind van het heelal
eeuwig licht, eeuwig duister
waar niemand
levend keren zal

achter maan, zon en sterren
waar in universum
nog duizenden
hemellichamen staan
zo heel ver hier vandaan

ligt daar het grenzeloze
het duister waar
niemand wezen wil
zo eindeloos onzeker
zo levenloos en stil.

Oelen


Zoek in staren en mijmeren
rust van gedachteloos zijn
herinneringen laten zweven
gewichtloos tussen wolken
als spattende zeepbellen
in ijle lucht van zonnig blauw

en over groene vlakten
dromen van witte nevels
golvend in gouden gloed
als zee van welzalige vrede
eindeloze stroom tot de horizon
door liefde en geluk gevoed

meevliegend met vogels
op dragende stille thermiek
naar oorden van mijn weten
vol van pracht en praal
waar leven nooit sterft
bloemen een wereld kleuren

Niet mogelijk in de tijd


Het is mogelijk terug te gaan
Naar de plek waar je bent geboren
Naar vrienden waar je mee speelde
Maar dezelfde vogels
Zul je daar niet meer horen.

Het is mogelijk terug te gaan
Naar je ouderlijke huis
Waar je kibbelde met broers en zussen
En als het te erg werd
Kwamen je ouders er steeds tussen.

Het is mogelijk je vrienden
Van toen nog weer te spreken
Maar ze blijken net als jij
Zoveel ouder, de tijd
Staat niet stil is wel gebleken.

Het is niet mogelijk de tijd terug te gaan
Dagen gaan onvermurwelijk
Als tellen in de tijd voorbij
Al kun je het bijna niet geloven
Nooit keert de stroom het tij.

Geschreven, gebleven


Woorden vloeiend uit mijn brein
in letters en tekst omgezet
gevoegd tot regels en strofen
vaak zullen ze niet anders zijn
dan zinnen uitgesproken
in kort bestek maar niet vergeten.

Gedachten die tot woorden leiden,
onvergankelijk in het verschiet
gevloeid op maagdelijk papier
van lange tijd, ’t papyrusriet,
bewaard en nog steeds te horen
wensen die nog steeds bekoren.

Kwetsbare opstelling


Als al mijn gedachten
in woorden waren te vangen
zielenroerselen zichtbaar zijn
emoties tastbaar waren

was ik omgeven door aureool
van vele fragiele kleuren
in alle tinten transparant
met open strijdbaar vizier

al mijn gedachten wil ik delen
en mijn woorden schenk ik u
transparant maar niet fragiel
standvastig aan mijn standpunt.

Een wijze spreuk


De dag is weer geopend als een boek,
eerste pagina bedrukt met wolkenveld
en mensen duiken somber en gekweld
ergens warm in droog beschutte hoek

luid mopperend op wind en regenvlaag
dieren blijven schuil in hun warme nest
de horizon blijft grauw van oost tot west
of zon vandaag komt is nog maar de vraag.

Ach, wie weet staat er op pagina twee
hier en daar toch ergens een blauwe lucht
dan leren wij weer uit wijze boeken

al zijn wij morrend en nog ontevree
straks beseffen wij blij en opgelucht
de dag niet voor de avond te vervloeken.

Één van de honderd stenen


Een zandweg vol met gaten,
hobbels en kuilen.
Hardlopen zul je wel laten,
want je valt builen.

Voorzichtig verzet je de benen.
Plaatst onzeker je voeten.
Loopt met ingetrokken tenen.
Je zult ook wel moeten.

In het midden ligt die éne steen.
Dat blijf je altijd weten.
Daaraan stootte je gevoelig je teen.
Dat zul je nóóit vergeten.

Parafrase


In vele golven gaan mijn gedachten
door zeeën van verloren tijd
waarin zowel goede als verkeerde ideeën
leegtes vulden die wijds verhulden
wat verwachtingen brachten.

Mijn woorden komen tekort
om alle gedachten te vertolken
door zeeën meegevoerd zowel goede
als verkeerde ideeën uit verloren tijd
door verval ingesnoerd
niet terug te verwachten.

En vele tijden bereiden zich voor
op nieuwe gedachten en ideeën
zowel goede als verkeerde
zoekend naar vertolking
door evenveel woorden

Die liefde, vrede en geluk
niet zullen verstoren.