Tevreden


Schildrij aan Hans Versfelt
Op paden tussen mooi begroeide bermen
geniet ik alle rust en bloemengeuren
de rijke pracht waartussen bijen zwermen
en vlinders zwevend daar in vele kleuren

gelijk een schilderij met groene weiden
en wazig blauwe bossen in ‘t verschiet
het weidse veld door sloten slechts gescheiden
waar mens en dier met volle teug geniet

zo is het land waar ‘k leef en wens te wonen
in vrijheid, frisse lucht en onder wolken
de stadsmens mag dan schimpend er om honen
in straten stof en stank die zij bevolken

geniet hier ied’re dag natuur en vrede
de pure lucht, dat is voldoende rede.

Schoon vooruitzicht dat ons streelt


Voel zachte bries door kruinen stoeien
strijkt nog over ‘t dorre veld
wachtend op het groene gras
waar straks madelieven bloeien
sneeuwklok en krokus hebben verteld
dat lente en zon ras zullen komen
dan verschijnt ook snel
eerste blad aan de bomen.

Mees, merel, vink en winterkoning
zoeken plek voor geschikte woning
schuchter klinkt hun eerste zang
hun activiteit bekoort onze oren
de koude duurde veel te lang
straks streelt ons weer het zonnegloren
toont de wereld weer een kleurenpracht
’s avonds zingt de nachtegaal zacht.

Schijndood

Mijn tuin is leeg
laatste bloemen verdwenen
enkel rest mij weemoed
naar kleur en warmte
en de herinnering aan rozen

mijn tuin is leeg
doods is de aanblik
zelfs in de vijver
vindt men het groen niet meer
slechts de herinnering aan vissen

mijn tuin is leeg
ik zou er om kunnen treuren
binnen kniezen bij de pakken neer
maar in de grond leeft wortel van rozen
op de bodem van de vijver leeft de vis.

Schijnbaar verleden


Vanuit donker betreedt
schimmig licht
de vage horizon
mistroostig zoekt
een flauwe zon
met waterige stralen
zijn weg
langs grauwe banen

kleumerig langs smalle pad
staan stramme populieren
ontdaan van blad
als zuilen rond galerijen
van het Colosseum
dromend van vergane glorie
tijden met roem
en strijd der gladiatoren

maar nu geen geschiedenis
als straks de zon
haar warme stralen
uitstort vanaf vurige kim
haar licht niet afgezwakt
in grauw en matheid
spiegelend tegen diep blauw
is droom en kou voorbij.

Schemerkoor


Ik zat bij een ruisende waterval
met helder sprankelend water
mijmerend over wat ik schrijven zal
genietend van het rustige geklater

verfrissend spatten droppels in het rond
een kleine vogel zong daar zijn lied
een bloemenpracht daar op de grond
geen plek op aarde waar je zo geniet

en langzaam doofde daar het licht,
rode schemering tussen bomen door
en plots als in een gezongen gedicht
mengden zich vele vogels in een koor.

Pure lucht gezocht


Waar vinden wij stilte in rust te verkeren
nog landelijk vrede waar auto’s niet storen
wij geluid van mondaine wereld niet horen
in bos en in veld ons lawaai niet frustreren.

Waar zingen de vogels in bomen of velden
en ruisen de winden door lover van kruinen
of ziet men de bloemen in weiden en tuinen
de tijden die ouden ons vroeger vertelden.

Natuur is nog steeds een gezonde ontspanning
voor burgers uit steden geliefd te vermaken
genietend van ruimte en frisse begroeiing

langs stromende beken, van verre de daken
van huizen in straten in sombere rijen
zo moeilijk als mensen daar moeten gedijen.

Ouderwets en geen sonnet

skyline refinery europoort rotterdam holland

Laten wij samen lopen door het veld
genieten van natuur en het jonge groen
bij een beek ontdekken het waterhoen
en zoeken de klaproos in het korenveld

zien we dan witte wolken aan de lucht
de vogels in het rond vrolijk fluiten
dan voelen wij ons heerlijk buiten
bekijken weidevogels in hun hoge vlucht.

Voor de toekomst zijn wij helaas beducht
hoe dikwijls horen wij niet het gerucht
dat veel van de natuur zal verdwijnen

zo velen hebben ook al eens verzucht
dat veel van de schoonheid reeds is gevlucht
of nog door de druk der welvaart zal kwijnen.