Eufemistisch filosofie paradoxaal beargumenteerd


Etymologisch tracht ik mijn woorden
in te delen, eufemistisch op gediend,
in zinsneden als parabolen
zonder cynische ondertoon
meer gebruikt als metaforen
zonder paradoxale verspreking
gevat in climax van synoniemen
van obligatie tot apotheose.

Eens in de geschiedenis te gloren
bij het beargumenteren
van grammaticale scoren
naar filosofisch welbehoren.

Onafhankelijke vrijheid


Vrijheid is alles wat ik zocht
een leven voor mezelf
zelfstandig en niet afhankelijk
mijn eigen keuzes, eigen doen,
geen enkele verplichting

je bént vrij in eigen keuze
ga de weg die jezelf zoekt
en kies je eigen vrienden
die je bijstaan
als je hen nodig hebt

wees vrij en onafhankelijk
met vele vrienden om je heen
dan ervaar je die vrije keuze
in je afhankelijkheid alleen.

Helaas de leeftijd…


Wat zou ik graag nog eenmaal
daar lopen langs de rivier met jou
genietend van watervogels en planten
in alledaags landschap
met koeien, kalveren, paarden
of schapen in de wei

wijzend naar vissen in het water
kijkend naar vogels in de lucht
tussen verschillende vormen wolken
dikwijls denk ik daaraan met een zucht
armen geslagen om elkaars schouder.
Jammer, helaas worden we ouder.

Onbestemd verlangen


Mijn hoofd is zwaar
ik zoek de lucht
de zon en wolken
de frisse wind die waait
fluitend door de bomen
of streelt langs mijn gezicht

mijn hoofd is zwaar
van onbestemd verlangen
naar verten en naar rust
naar stromen kolkend water
bossen met gedempt geluid
stranden langs ruisende zee

dansen wil ik over velden
waaien met de frisse wind
langs rivieren en beken
onbezorgd blij als een kind
vliegen met de vogels
als een vis door ’t water gaan

Wat een werk


Het is een dag geweest
waarop ik geen rust kende
maar de tuin mij riep
met werk in brandende zon
als je dat niet doet
wordt ’t ook een bende
wieden omdat ’t gewoon moet

een tuin is mooi
je kunt er uren in genieten
als je van snoeien houdt
of iedere keer bloemen gieten

o, ik vind het echt prachtig
als alles in bloei staat
en ik vanaf ’t terras
dit alles kan aanschouwen

kijk nu eens in de berm in ’t gras
daar staat ’t vol met bloemen
niemand die ze verzorgd
ze worden alleen maar afgemaaid.

Late zonnige zomeravond


Late avond in de velden
stil luisterend naar zoveel
geluiden die telkens vertellen
van de schepping als geheel

zacht en luid gekwaak van kikkers
eenden in de lucht of in de plas
schorre roep van kieviet of grutto
van ver de roerdomp in het riet

mauwend zweeft nog een late buizerd
laag over het veld naar haar nest
en in de rietkraag zingt de karekiet
ik luister en geniet tot het lest.

Droomvlucht


Zwierend door zwerk
in parallelle baan
vleugel aan vleugel
zo vlogen wij saam
doorkliefden wolken
zijn steeds voortgegaan
en zongen ons lied
in ons zwervend bestaan

in gedachten over velden
waar het leven riep
heb ik je omarmd
minde ik je zo diep
droomde van jouw
en bouwde dat luchtkasteel
waarheen wij saam vlogen
vleugel aan vleugel.

Helaas, de fundamenten
bleven niet heel.

Levensbalans


Ik zoek balans tussen denken en doen
Het zeker weten van te zijn
Het geheugen wat koppelt heden aan toen
Voor de toekomst bevestigd door ’t brein

De balans die geest en lichaam verbindt
In eendracht te blijven
In eigen handeling steeds vrede vindt
En niet door fantasieën af te drijven

Ik zoek de balans die leven aan de aarde bindt
Die twist en afgunst doet vermijden
Door jaloezie het daglicht niet verblindt
Maar duurzaam aan opbouw zich blijft wijden

Waarom zouden dan volkeren elkaar bestrijden
Of mensen door honger verloren gaan
Mensen die onder verdrukking en oorlog lijden
In een ellendig armoedig bestaan