Veranderende tijd


Je hoeft geen trouw te zweren aan mijn zangen
Mij eren daaraan ben je niet verplicht
Een leugen zal ik niet van jou verlangen,
Zeg open wat je vindt van mijn gedicht

Jouw mening zal ik dragen zonder morren
Geef onomwonden jouw gedachten weer
Het zal mij slechts tot nieuwe opmars porren
In ‘t woord van vrienden voelt kritiek als eer.

De woorden blijf ik schrijven als verleden
Wellicht in ‘t heden meer op kans gericht
Daar deze tijden minder zijn omstreden
En schone taal niet hoop’loos wordt ontwricht.

Ik zal niet treuren om vernieuwde tijden
Wat was wordt nieuw, dat kan geen mens vermijden.