Ochtenddank der natuur


Rijzend schoon van ochtendzon aan verre kim
waar boven water een deken vormt van nevel
boven wuivend riet wilgenkruinen als een schim
in lichte bries fluisteren een zacht geprevel.

Witte wolken zweven in het blauw azuur
omringd met zonnestralen als gouden randen
een rijk decor in het vroege ochtenduur
hoop op zonnige zomerdag voorhanden.

Zacht begint het vogelkoor in bos en riet
in veel verschillende tonen en klanken
kan men in alle rust genieten van het lied
waarmee zij al vroeg de schepper danken.

Blik naar voren


Daar ik niet terug kan of wil
over jaren die ik ben gelopen
mijn blik voorwaarts richt
en stil blijf hopen
op nog gelukkig vergezicht
zal ik niet blijven staan
noch omzien naar die dagen
dat ik niet gelukkiger was
noch was ik ongelukkiger

iedere tijd heeft zijn vreugd
kent ook zijn verdriet
jaren tellen op en tellen af
we kunnen niet blijven hangen
dat wat ons toen beviel
kunnen we niet terug vangen
daarom leg ik mij neer
bij tijd die mij verliet.