Jaar rond zonder zorg


Als in lente velden kleuren
met schat van bloemenpracht
vogels zingen in hoge bomen
sterren schijnen in de nacht.

Als de zomer komt met zon,
warmte om stil weg te dromen
genietend geur van drogend gras
zal dan alles anders wezen?

Als herfst bladeren heeft verwaaid
geen beschutting in de kruinen
wind naargeestig tussen bomen huilt
zal dan alles anders wezen?

Als winter alles eentonig kleurt
met stemmig wit over de velden
overal kou en guurheid heerst
zal dan alles anders wezen?

Als het voorjaar daarna weer komt
met vogelzang en blaad’ren aan bomen
dan is alles weer rond
heus ’t zal wel weer goed komen.

De Koning nadert


De dagen naderen dat Hij zich Koning zal tonen,
de vijand zal buigen, enkel voor Zijn macht,
dan zal Hij weer Davids paleis gaan bewonen
slechts door één woord, dat is wat heel Israël verwacht.

De Romeinen zullen worden verslagen en verdreven,
hun legers slaan massaal op de vlucht,
Israëls rijk en Davids troon zullen weer herleven,
het juk verdwijnt waaronder het land thans zucht.

Straks treed de Koning binnen door Jeruzalems poort
met feestgedruis en enthousiast ontvangen
gezeten op een jonge ezel zoals dat hoort
heel het volk juicht en loopt mee vol verlangen.

Maar ziet, de Koning huilt en hoor Hem klagen
over Jeruzalems vreselijk einde en lot,
ook nu het volk Hem naar binnen wil dragen,
Hij is geen Koning, slechts dienaar van God.

De dagen naderen dat Hij de stad verlaat
omringd door mensen die Hem niet als Koning vragen,
slechts beschimpt met smaad en haat
en zal Hij zelfs een kruis moeten dragen.

De dagen naderen dat Hij zich, de Grote Koning, toont,
niet om Zijn volk van aardse vijand te bevrijden,
maar dat Hij ieder die Hem trouw betoont
als ’t goede graan van ’t kaf zal scheiden.