Geduld, geduld….


Eens zullen bloemen bloeien
en bomen in blad weer staan
jonge dieren in ’t veld stoeien
wij samen de paden op gaan.

Dan zal ook de zon weer stralen
met golven warmte en licht
dan zal ik niet talmen of dralen
te schrijven een kleurrijk gedicht.

Over liefde, genot in de natuur
klanken van menig vogelkoor
de heldere lucht als azuur,
maar eerst moeten we de winter door.

Ik schrijf over wat ik geniet


Schrijven of dichten wil ik over schone zaken
waarvan er dagelijks zoveel zijn te zien
niet wat steeds weer met zorg heeft te maken
al is dat op-zijn-tijd ook niet verkeerd misschien

maar kijk eens in het rond naar bloemen en bomen
zie de vlinders, bijen en vogels in hun vlucht
witte wolken zwevend door ’t blauw der lucht
leer eens gewoon in de natuur weg te dromen

zo veel sombere dichters zien moeilijkheden
steeds weer rampen in de toekomst en tegenspoed
voorspellen catastrofes, geven hun gelijk niet op

willen ons met zwaarste argumenten overreden
schrijven hun gedicht met angst, zweet en bloed
of ik niet genoeg sores heb aan mijn kop.