Aan de voet van het kruis

In dank te staan waar ’t kruishout stond
Gedenkend Hem die voor ons stierf
Op Gods vervloekte aard en grond
Die hier een plek voor ons verwierf.

Vervloekt, het kruis door U gedragen,
De geest die om uw lijden lacht,
De mens die Uw gena niet vragen,
Of Uw liefde schroom’lijk veracht.

Ik hoor nog de woorden die U sprak
Hoe U de beulen hebt vergeven
Nog voor Uw oog aan ’t kruis brak
Uw sterven gaf ons ‘t eeuwig leven.

Nu vloeit niet meer ’t onschuldig bloed
U hebt voor ons schuld en zonde geboet.

Gewoon van natuur genieten

In ’t vroege heldere ochtendlicht
dat weer de nieuw dag begroet
over een zilver bedauwd veld
en nevelsluiers door zonlicht beschenen.

Zie ik wijds gezicht met kruinen van de bomen
en daarboven vogels die af-en-aan vliegen
en in de verte boerderijen
stil sta ik bij dit alles te dromen.

Stil genieten van al die schoonheid
en bewonderend de natuur
wensend dat het nooit zover zal komen
dat dit alles verdwijnt op de duur.

Dan dringt het besef door hoe kwetsbaar dit is
hoe snel schoonheid kan verdwijnen.