Genieten van het leven


Over kale vlakten heb ik gelopen
door dichtbegroeide wouden ben ik gegaan
op veel stille plekken ben ik blijven staan
steeds bleef ik op een nadering van je hopen.

Door de steden met drukte van het leven
genietend van een wereld vol vertier
of langs stromende schuimende rivier
op alle plekken stond ik soms even.

Denk niet meer aan al die vergane tijden
over die vlaktes loop ik lang niet meer
ook die dichte wouden zal ik verder mijden
zet mij liever aan stil helder water neer.

Blijf toch kijken naar drukte van ’t leven
ook al sta ik aan de zijlijn opgesteld
ben nu door vrolijke jongeren omgeven
nee, mijn zijn is nog lang niet uitgeteld.