Stroming


Als ik water zie stromen tussen riet en oever
Laat ik mijn gedachten meevloeien
Naar daar waar geen begrenzing meer is
Oneindig verre ruimte van stroming en deining
Ruimte en expansie van vrijheid
Als dragende kracht voor tijdloos filosoferen
Hoe de hemel zich boven mij spiegelt
In kleuren van blauw tot grauw
En de einder tekent bedreigend of vredig
Gevormd door massa bevrijd van bedding.

Herfstgenot


Ik geniet de vroege maagdelijk ochtendschijn
De frisse ochtenddauw over het vlakke veld
De zon rijzend boven verre horizonlijn
De glans van de laatste ster die wordt geteld

Ik geniet parelende druppels dauw aan twijgen
Die schitteren als diamant, smaragd of robijn
Geen mens kan ooit een schoner ketting rijgen
Van kralen of van edelsteen die mooier zijn

Ik geniet warme uitbundige herfstkleuren
Van het vallend blad tussen bomen in het bos
Geniet van de frisse typische herfstgeuren
Van het lover neergedwarreld op ’t groene mos

Geniet zo van de herfst en schoonheid der natuur
Van late zonneschijn aan een hemel van azuur.

Horen, zien en zwijgen


Stil hoor ik in het ruisen der bomen
De stem die zwijgend tot mij spreekt
Een zachte roep die vraagt te komen
Daar waar geen liefde of warmte ontbreekt.

En in het hoge hemelruim zie ik de wolken
Geruisloos zweven door het azuren blauw
In vormen die een droom vertolken
Over oorden waar ieder mens wel wezen wou.

En zwijgend spreekt mijn hart de woorden
Die U in mij voor eeuwig hebt geplant
Zingt mijn ziel stil de lof akkoorden
Zwijgend doe ik Uw grote wil gestand.

Zwijgen doe ik voor U uit grote eerbied
Dat mijn stem de Uwe niet verstoort
Ondanks dat mijn oog op aarde niet ziet
Heb ik toch Uw roepstem gehoord

Scheppings perpetuum mobiele


Zal ooit een nacht eens vallen
Waarna geen morgen aan zal breken
En de aarde zijn poorten sluit
Waardoor alle zonlicht wordt buitengesloten
Horizon en toekomst verdwijnt uit ’t zicht

Waarvoor zou dan het leven zijn geschapen
Als enkel prooi voor ellende en dood
Een schepping die voorgoed in zal slapen
Waar geen eind komt aan angst en nood
Een wereld aan een hel overgegeven

Geen schepper die Zijn schepping verloren laat
Maar vol zorg en liefde ziet
Als een Vader die aan de hemelpoort staat
En ons daar Zijn troost en genade biedt.

St. Hubertusdag


Je herbergt nog dagen zonneschijn
Met uren warmte als in zomertijd
Rijp je nog de druiven voor de wijn
Schildert ’t seizoen in veel kleurigheid

En wij, die de kou zien naderen,
Blijven van je schoonheid dromen
Van je wonderlijk schone bladeren
Die kleuren de kruinen der bomen

Je geuren vullen paden der bossen
Het blad bedekt de vochtige grond
Stammen bedekt met lagen mossen
Vallende bladeren zwieren in ’t rond

Stilte valt over nevelige heide
En in verre bos burlt een bronstig hert
Allemaal kenmerken voor dit jaargetijde
Het seizoen van de Heilige Hubert.

Levenstijd


Wat zijn nog seconden op een wijzerplaat
De dagen in een lange eeuwigheid
Een leven gerekend naar een aardse maat
Ze draaien mee met de molen van de tijd

En staat soms de tijd toch heel even stil
Gaan toch wijzers, eeuwigheid en leven door
Omdat draaiing van de aard niet stoppen wil
In wezen gaat hier geen enkele tel teloor

Wij draaien mee met de molen van de tijd
Leven hier in uren van de aardse maat
Pas later komt voor ons de eeuwigheid
Dan bestaan noch seconden, dagen of wijzerplaat.

Een daglang


Wat was de dag weer mooi
Ik heb er van genoten
Van ’t nog groene veld
En van de herfsttooi
En ook van de vers geoogste noten

Dan was er ook zo nu en dan
Zonneschijn tussen het wolkendek
Hield ons het luchtruim in de ban
Tussen het grijs een lichte plek

En nu in d’ avond zie ik
aan de hemelkoepel bij toeren
de flonkerende sterren staan
en donkere wolkencontouren
in het licht der maan.

Ieder zijn waarde


Ik ben niet beter dan ieder ander, Heer
Maar voor U ben ik ook echt niet minder
Leer mij dat ik ook ieder mens waardeer
Of dat ik door eigen waan niemand hinder

Een ieder is geschapen naar Uw beeld
Elk mens met eigen gestalte en gave
Maar zelf hebben we ons in klassen verdeeld
En houden ons eigen bezit en have

Op Uw hele schepping Heer zijn wij de kroon
De parel en het pronkstuk van Uw hand
Uw aarde gaf U ons als dagelijks loon
Om die te bewerken gaf U ons verstand

Ook mij gaf U mijn deel, niet minder of meer
Waaraan ik weet, ik ben niet minder of beter Heer.

Schril contrast


Mijn hart gaat uit naar ’t ruime vlakke land
Met langs verre horizon de boerderijen
Waar langs paden populieren staan in rijen
En ruisend riet op d’ oevers langs de waterkant

Waar vogels vliegen langs de hoge hemelboog
En witte wolken onderbreken ’t azuren blauw
Het veld des morgens bedekt met parelend dauw
Vanaf het water stijgt reeds vroeg nevel omhoog

Uit de verte wordt de roep der koekoek gehoord
De leeuwerik zingt luid boven ’t gele koren
Dit is de plek waar mijn wensen worden verhoord

Hoe schril is het contrast waar geluiden smoren
In klokkenspel, motorgeronk en straatkabaal
Opgesloten zicht tussen beton en metaal.

Ver gouden oord


Ben zo benieuwd wat er ligt over de horizon
Nee, niet na het einder van het zicht
Maar daar, waar zelfs de zon de aarde niet bereikt
Daar ver buiten ’t heelal en buiten ’t licht

Men zegt dat daar geen leven mogelijk is
Daar schijnt noch morgen- noch avondrood

Toch moet juist ook daar zonlicht stralen
Daar licht een stad van schitterend goud
Gebouwen rusten op diamanten pilaren
En hebben gevels gekroond met ivoor
Zilveren fonteinen spuiten uit parelmoeren schalen

Maar niet de schoonheid van het aardse goed
Die men achter die parelen poorten zou verwachten
Het is de zachte hemelse gloed
Die geleden leed doet verzachten.

Waarheid najagen


Waar de gedachte mij belet
Te gaan ’t pad van onschuld
En mij de slinkse paden wijst
Met duisternis gevuld
Door schaduwen en langs ravijn
Door ‘t rijk van mist en nevel
Waar enkel waanbeelden zijn
Daar is geen veiligheid of wet
Vindt men slechts blinde gevel
Van doelloos jagen naar waarheid
In fijnmazige netten gevangen
Droog en fijn zand.

Wereldhervormer


De dag heb ik doorgebracht in overweging
De droom te volgen die ik gisteren nog had
Een beeld dat ik vandaag zou willen bouwen
En in de toekomst gebruiken als bestemming
Een droom van liefde, vrede, geluk en rust

Een droom die heel de aarde moet omvatten
Als bij de schepping als een hemelsparadijs
Maar ik zou niet weten waar ik moet beginnen
Ieder mens is zo verschillend van natuur
Nee, voor elk zit de ware vrede en liefde binnen.